Eerste verzetsgroep

Wollweber: de eerste Nederlandse verzetsgroep

Ernst Wollweber

Voorgeschiedenis

Oorspronkelijk was Ernst Wollweber een matroos aan boord van de kruiser Helgoland; hij gaf in november 1918 in de haven van Kiel gaf het sein tot de opstand die bekend staat als de novemberrevolutie en die leidde tot de val van het keizer en Duitsland in een republiek veranderde. In de jaren twintig was hij een communistische Duitse politicus. In de jaren twintig waren er in Duitsland diverse paramilitaire organisaties die soms politieke moorden op linkse personen pleegden. Ook waren er verschillende pogingen tot staatsgreep, waarbij die van Hitler een van de bekendste is. In reactie daarop kregen sommige Duitse communisten een militaire training in de Sovjet Unie, niet alleen om bij een staatsgreep weerstand te kunnen bieden, maar ook om na een eventuele gelukt rechtse staatsgreep sabotage te kunnen plegen. Mogelijk speelde ook de gedachte aan een zelf te plegen staatsgreep hierbij ook mee. In dit kader kreeg ook Wollweber een militaire en sabotage-opleiding. Een van de politieke functies die Wollweber kreeg was die van leider van de International Union of Seamen and Harbour Workers (ISH) of onder de Duitse naam Internationale der Seeleute und Hafenarbeiter.

Bij de staatsgreep van Hitler in 1933 werden veel prominente communisten en andere linkse personen (onder anderen communistische en sociaaldemocratische afgevaardigden in de Rijksdag) gearresteerd en soms vermoord. Wollweber voelde zich als Rijksdaglid dat aan arrestatie kon ontkomen ernstig bedreigd en vluchtte naar de Sovjet Unie. Daar kreeg hij van Stalin opdracht om in West-Europa een spionageorganisatie op te bouwen. Dat deed Wollweber dan ook vanuit voornamelijk Frankrijk en België. Daarbij werd met opzet buiten de communistische partijen om gewerkt. Dit was enerzijds om de geheimhouding beter in stand te houden, want de communistische partijen zaten vol met spionnen van de nationale geheime diensten, en anderzijds om de communistische partijen niet in diskrediet te brengen mocht het spionagenetwerk opgerold worden, waardoor de communistische partijen mogelijk verboden konden worden.

Door de staatsgreep in Spanje door Franco ontstond een burgeroorlog, waarbij Franco van begin af aan de meeste Spaanse wapens in handen had. De door een meerderheid in het democratisch gekozen Spaans parlement gesteunde Spaanse regering moest hals over kop aan wapens zien te komen om zich te kunnen verdedigen, wat hard nodig was omdat de fascistische regeringen van Duitsland en Italië volop moderne wapens aan Franco leverden, zodat het resterende deel van het leger niet tegen Franco opgewassen was. De Spaanse fascisten die Franco steunden, voerden een politieke propaganda waarbij ze de Spaanse regering een communistisch noemden. In werkelijkheid was de Spaanse communistische partij een kleine partij in het parlement die niet in de regering vertegenwoordigd was, maar wel gedoogsteun verleende. De regeringen van de niet-fascistische West-Europese landen vonden de Spaanse regering met sociaaldemocraten ook veel te links en grepen deze propaganda aan om een wapenembargo tegen Spanje af te kondigen. Daarmee steunden die regringen feitelijk impliciet de fascistische staatsgreep.
De Sovjet Unie was een felle tegenstander van het fascistische regime, onder andere vanwege de massale moorden op Duitse communisten, en zag zijn kans schoon om invloed te winnen door de Spaanse regering met militaire goederen te steunen. De Spaanse regering moest die noodgedwongen wel accepteren, maar kreeg daarmee een meer procommunistisch aanzien wat koren op de molen van de fascistische propaganda was.
De Sovjet Unie leidde nu de spionage door de groep Wollweber naar havens als Marseille, Bordeaux, Antwerpen, Rotterdam, Bremen, Hamburg, Kopenhagen, Oslo en Bergen om de fascistische aanvoer van wapens en andere militaire benodigdheden in beeld te brengen, zodat de Spaanse marine die zo mogelijk kon onderscheppen. Tegelijkertijd begon de groep Wollweber aanslagen op schepen van de asmogendheden (Duitsland, Italië en Japan) te plegen. Eerst werd brand aan schepen veroorzaakt, maar omdat dat niet effectief genoeg was werden bomaanslagen gepleegd om schepen tot zinken te brengen, waarbij een richtlijn was dat doden onder de bemanning vermeden moesten worden: de schepen mochten bij een bomaanslag niet snel zinken, zodat de bemanning de tijd kreeg om in reddingsboten te stappen (bij alle aanslagen is slechts een bemanningslid omgekomen, doordat hij rechtstreeks door de bomexplosie getroffen werd). Bij deze acties werden volgens een opgave van de Duitse minister Heydrich 16 Duitse, 3 Italiaanse en 2 Japanse schepen getroffen; maar er zijn ook een Pools schip en het Nederlandse schip Westplein getroffen.
In 1936 vestigde Wollweber zich samen met zijn echtgenote Ragnhild Wiilk voor korte tijd in Amsterdam.

Scheepssabotagegroep

Leon Trepper

Voor het plegen van aanslagen op schepen die de opstandelingenleider generaal Franco in Spanje bevoorraadden werd de groep Wollweber uitgebreid met scheepssabotageploegen. Daarvoor kwamen er afdelingen in Frankrijk, België, Nederland, Duitsland, Denemarken, Zweden en de Baltische staten. De aanslagen op schepen hadden door de ligging van de havens in verschillende landen een internationaal karakter. Daartoe werden sabotageploegen in verschillende landen gevormd. Ook in Nederland werd een groep voor de scheepssabotage gevormd. Die groep noemde zich de Internationale Zeelieden Hulp. Feitelijk vormde die groep een geheel met een soortgelijke groep in België. De gecombineerde leiding lag bij de Duitse communist Leopold (Leon) Trepper; de leiding voor het Nederlandse deel lag bij Achille Beguin. Trepper verbleef voornamelijk in Brussel, maar voor enkele perioden ook in Amsterdam. Overigens werden niet alleen aanslagen gepleegd, maar ook goederen als illegale lectuur en springstoffen voor communistische verzetsgroepen in Duitsland aan boord van schepen verstopt. Voor de aanslagen werd dynamiet gebruikt dat vanuit Noorse mijnen pers schip naar de benodigde plekken werd gesmokkeld.

De eerste aanslag werd in september 1937 in Antwerpen gepleegd op het Duitse schip Hestia. Joop Schaap en de Belgen Alfons Fictels en Karel Dieltjens plaatsten meerdere brandbommen en na verloop van tijd vloog het schip in brand, maar de schade bleef beperkt. Een paar weken later mislukte in Rotterdam een aanslag op het Italiaanse schip Alfredo Oriani. Op 10 november werd op 10 november 1937 een bom op het Italiaanse schip Bocaccio geplaats; het schip zonk op 19 november voor de kust van Bretagne. Ondanks dat de opdracht was om bommen zo te plaatsen dat bemanningsleden voldoende tijd hadden om van boord te gaan, kwam een bemanningslid om het leven. In februari 1938 plaatste Roelof Vogelzang een bom op het Japanse schip Tajima Maru. De bom ging op 2 maart af in de haven van Bremerhaven, waarbij slechts geringe schade ontstond. In Hamburg werd aan boord van het Duitse schip Claus Böge, dat wapens en munitie naar Spanje zou brengen, een bom geplaatst. Het schip zonk voor de kust van Denemarken; de gehele bemanning werd gered. Ook werd een bom geplaatst op het schip Japanse Kashi Maru; de bom ging op 24 juni 1938 in Het Kanaal af, waarbij groet schade ontstond.

Alhoewel in Nederland de scheepssabotage de belangrijkste activiteit van de groep was, waren er ook andere activiteiten. Zo werden op schepen naar Emden, Bremen en Hamburg en op Rijnschepen allerlei goederen meegesmokkeld voor het communistisch verzet in Duitsland tegen Hitler. Dit betrof geld, Duitstalige anti-Hitler propaganda, explosieven en wapens. Verder werd er met gecodeerde teksten in morse radiocontact met Moskou onderhouden, waarbij niet alleen spionageresultaten werden overgeseind, maar ook verzoeken om geldelijke en materiële hulp en er tevens opdrachten vanuit Moskou kwamen. Bij dit radiocontact speelde de Nederlandse communist Daniël (Daan) Goulooze een belangrijke rol. Van de groep werd Jan van den Hoonaard in de Rotterdamse haven betrapt op het bezit van explosieven en Adriaan Feij werd bij de Belgische grens betrapt op het smokkelen van explosieven; beiden werden tot een gevangenisstraf veroordeeld.

Enkele leden van de groep Wollweber gingen als vrijwilliger in de Spaanse burgeroorlog vechten. In Spanje werden sommigen van hen benaderd om een sabotageopleiding te volgen.

Tijdens de oorlog was er een aparte subgroep die bekend stond als de groep Hilda.

Nederlandse overheid

De Nederlandse overheid nam een sterke pro-fascistische houding aan. Er werd een wapenembargo tegen de Spaanse regering afgekondigd, maar wilde wel geld verdienen aan Duitse schepen met wapens voor Franco in de Rotterdamse haven. Dit is niet vreemd voor de regeringspartij RKSP (voorloper van de naoorlogse KVP), omdat die openlijk voorstander van het Portugese fascisme van de dictator Salazar was en ook sympathiek stond tegen de fascistenleiders Mussolini en Franco (na de oorlog zou de katholieke voorman Romme een boekje getiteld ‘Nieuwe grondwetsartikelen’ publiceren, dat een duidelijke fascistische inslag heeft en waarin plannen werden ontvouwd een deel van de Nederlandse bevolking basisgrondrechten te ontnemen en het gekozen parlement te vervangen door een rechtse elite aan te wijzen groep zogenaamde volksvertegenwoordigers). Een andere regeringspartij, de ARP, verkondigde dat zij altijd het wettig gezag steunden, maar in dit geval steunde ze de omverwerping ven het wettig en democratisch gezag in Spanje om plaats te maken voor een wrede bloeddorstige fascistische dictatuur. Ook de wijd en zijd verkondigde Bijbelse ‘eerbied voor het menselijk leven’ liet men als een baksteen vallen voor de wrede massamoorden van Franco.
Vanuit Nederland vertrokken vrijwilligers naar Spanje om in de Internationale Brigade te dienen, die militaire steun aan de Spaanse regering bood; Duitsland stuurde beroepsmilitairen die zo al wat gevechts- en bombardementservaring voor de Tweede Wereldoorlog konden opdoen. De vrijwilligers waren voornamelijk communisten en andere links georiënteerde personen. Het was volgens de Nederlandse wet niet verboden om in een vreemd leger te dienen. Daarom diende de Nederlandse regering ijlings een wet in om het te verbieden op straffe van verlies van het Nederlanderschap. En ook werden er straffen als boetes en gevangenisstraf ingesteld. Het verlies van het Nederlanderschap zou tijdens de bezetting verschillende vroege verzetsmensen of soms hun partners het leven kosten. Na de oorlog zou het vele tientallen jaren duren voordat iedereen het Nederlanderschap weer terug had, wat voor veel ellende bij hen en hun nakomelingen heeft veroorzaakt. Daartegenover kregen SS’ers die ook in vreemde krijgsdienst waren gegaan en die soms (of vaak) bij massamoorden op Joden of Russen betrokken waren geweest wel snel hun Nederlanderschap terug. Het fascisme liefhebbende partijen als de voorgangers van het CDA, VVD en PvdA gaven nu eenmaal de voorkeur aan antisemitische massamoordenaars boven Joden reddende communistische verzetsmensen.
De aanslagen op de schepen waren voor de Nederlandse overheid onaanvaardbaar en op aandrang van Duitsland werd er jacht op de aanslagplegers gemaakt. De Duitse overheid mocht van de Nederlandse regering spionnen naar zowel Nederland als Nederlands Indië sturen, die behalve de communisten ook de helpers van Joodse en politieke vluchtelingen mochten bespioneren op voorwaarde dat gegevens over communisten en activisten voor de onafhankelijkheid van Indonesië aan de Nederlandse regering werden gegeven. De bespionering van de nastrevers van de Indonesische onafhankelijk zou tijdens de Tweede wereldoorlog nog tot de dood van een aantal leden van de Indonesische vereniging Perhimpoenan Indonesia leiden. De Duitsers maakten van de gelegenheid gebruik om ook militaire spionage, nota bene in samenwerking met hoge Nederlandse militairen te bedrijven en voor zover die spionage in Nederlands Indië plaats vond die gegevens aan Japan door te spelen. In tegenstelling tot de Nederlandse geheime dienst gaf de Belgische geheime dienst na de Duitse bezetting geen gegevens over de groep Wollweber door, waardoor onder anderen Ernst Lambert lange tijd uit Duitse handen kon blijven.

De Nederlandse regering liet de bespionering van de communisten niet alleen aan de Duitsers over, maar ging zelf ook naar de aanslagplegers op jacht. Daartoe werd een samenwerking met de Gestapo aangegaan, waarmee tevens toegang tot Duitse koopvaardijschepen werd verkregen. In Rotterdam werd Anton van der Waals als spion voor de Rotterdamse Politie Inlichtingendienst ingehuurd. Hij infiltreerde de communistische partij en kreeg ter camouflage een schijnbaantje bij een elektrotechnisch scheepsonderhoudsbedrijf, waardoor hij overal op Duitse schepen kon komen zonder argwaan bij de Nederlandse havenarbeiders op te wekken. Tijdens de Tweede Wereldoorlog zou hij door de Rotterdamse Politie Inlichtingendienst naar de Gestapo worden overgeheveld, waar hij als spion in onder andere het Englandspiel vele tientallen Nederlandse geheime agenten en ook nog enige tientallen verzetsmensen de dood in zou jagen. Na de oorlog zou Lou de Jong dit feit in zijn geschiedschrijving verzwijgen (uit zijn ‘fiches’ blijkt dat hij een document waarin dit gemeld had wel degelijk ingezien had).

Anton van der Waals kon door zijn spionageactiviteiten in de Rotterdamse haven goed inzicht in de groep scheepssaboteurs krijgen en gaf die informatie aan de Rotterdamse Politie Inlichtingendienst door. Vervolgens gaf Christoffel Bennekers van de Rotterdamse Politie Inlichtingendienst die informatie tijdens een bijeenkomst in Hamburg door aan de Gestapo. Dit heeft tijdens de bezetting tussen de tien en twintig leden van de groep een buitengewoon wrede dood bezorgd. Natuurlijk moest de Nederlandse regering de scheepssaboteurs bestrijden. De Nederlandse regering bereidde zich toen al voor op een Duitse bezetting en moest er daarom vanuit gaan dat het doorgeven van die gegevens aan de massamoordenaars van de Gestapo hen het leven zou kosten, ook als ze zich alleen maar bezig hadden gehouden met het zenden van anti-Hitlerpropaganda naar Duitsland.

In 1939 kwam de nederlaag van de Spaanse regering in zicht. De groep Wollweber stopte daarom zijn activiteiten met betrekking tot aanslagen op schepen van de as-mogendheden. Ze hief zich echter niet op, maar ging deels een slapend bestaan leiden om weer actief te worden vanaf het moment dat Duitse troepen Nederland zouden binnen trekken. Stalin had opdracht gegeven de partizanenstrijd op te pakken zodra de Sovjet Unie in oorlog met Duitsland zou komen. Maar voor een ander deel zette de groep Wollweber de activiteiten voort voor zover het steun aan het communistische (KPD) verzet in Duitsland tegen Hitler betrof, waarbij tevens militaire en economische gegevens over Duitsland verzameld werden.
Het voortgezette verzet tegen Hitler vanuit Nederland werd voor het grootste deel gedaan door Duitse communistische vluchtelingen in Nederland. Het was een door de Nederlandse regering verboden activiteit, waar indirect de doodstraf op stond, omdat de Nederlandse regering betrapte verzetsmensen vaak rücksichtlos over de grens zette, waar meestal een zeer wrede behandeling wachtte die veelal uitmondde in een wrede executie (onthoofding, bijv. met een handbijl). De Nederlandse regering die binnenlands betoogde dat ze het christelijk principe van ‘eerbied voor het menselijk leven’ nastreefde had daar geen boodschap aan: liberalen en christelijken zagen het bloed van hun politieke tegenstanders maar al te graag stromen. Het aandeel van de Nederlanders in dit anti-Hitler verzet bestond uit het drukken en smokkelen van anti-Hitler propaganda, het behulpzaam zijn bij illegale grensoverschrijdingen in beide richtingen door Duitse communisten en het laten onderduiken van Duitse verzetsmensen in Nederland. Ik heb enkele namen van Nederlanders gevonden, die al voor de oorlog vanwege hun verzetsactiviteiten tegen Hitler in een concentratiekamp belandden.
De Duitse verzetsmensen leerden de Nederlandse communisten de fijne kneepjes van het ondergronds actief zijn, wat tijdens de oorlog maar deels effectief bleek doordat de politie Inlichtingendiensten al sinds januari 1923 de communistische partij waren binnen gedrongen en van binnen uit grootschalig verraad pleegde, wat vermoedelijk meer dan duizend communistische verzetsmensen het leven heeft gekost (alleen al voor de regio Den Haag heb ik dit voor de dood van meer dan 150 verzetsmensen bewezen, terwijl mijn informatie incompleet is). In zijn bloeddorstigheid werkten de christelijk-liberale Nederlandse regeringen al sinds januari 1935 nauw samen met de allergrootste massamoordenaars van de Gestapo, zoals bijv. Heinrich Müller die de moord op enige miljoenen mensen, vooral Joden, organiseerde.
Daarmee was de groep Wollweber bij de capitulatie van Nederland op 15 mei 1940 de eerste verzetsgroep die klaar was om in actie te komen. Eigenlijk waren al op 11 mei 1940 de eerste stappen gezet om het radioverkeer tussen een groep rond Anton Winterink met Moskou tot stand te brengen. Andere groepen zoals de CPN, RSAP en de Geuzen gingen zich pas op dat moment formeren en het duurde weken tot maanden voordat die in actie konden komen. Alleen de CPN had voorbereidende maatregelen getroffen, maar moest zich ook nog reorganiseren, wat enige weken heeft geduurd. De bewering van Lou de Jong dat de CPN pas na het verbod op 20 juli 1940 in verzet ging, is volslagen onjuist (op 20 juli 1940 was het ondergrondse communistisch verzet in Den Haag al geïnfiltreerd door de Inlichtingendienstspion Van Soolingen).
De Duitse communistische verzetsmensen hebben na de Nederlandse capitulatie niet alleen hun verzetsactiviteiten in Duitsland voortgezet, maar hebben ook bijgedragen aan het verzet in Nederland. Er zijn wat aanwijzingen dat deze Duitsers ook hebben bijgedragen aan het via radioverkeer regelen van geldstromen vanuit Moskou naar het communistisch verzet in Nederland. De groep Wollweber bleef tijdens de bezetting deel uitmaken van West-Europees verzetsnetwerk dat vooral actief was in Duitsland, België, Nederland en Frankrijk.

Verzetsactiviteiten

Doordat nagenoeg iedereen van de groep vermoord is, zijn er nauwelijks gegevens bekend over verzetsactiviteiten. Wel is bekend dat met geheime zenders grote hoeveelheden berichten naar Moskou geseind werden. Ze beschrijven de situatie in het bezette Nederland. Zulke informatie heeft in tijden dat de berichtgeving door een bezettingsmacht stil gelegd wordt, grote militaire waarde, ondanks dat het op het eerste gezicht tamelijk irrelevant lijkt. Een deel van die berichten kunnen bij het IISG gelezen worden. Vermoedelijk werden er ook andersoortige berichten naar Moskou geseind, maar daar is bij mij niets over bekend.

In de zomer (ik reconstrueer het al is juli) van 1940 kwam de Haagse communistische verzetsman Arie Kloostra er achter dat de meubelfabriek Pander, tevens een voormalige producent van houten vliegtuigen, gigantische hoeveelheden onderstellen op ski’s voor transportvliegtuigen van het type Juncker 52 ging maken. Hij concludeerde daaruit dat het om een voorbereiding op een winteroorlog ging (het kan ook zijn dat dat gewoon rondverteld werd, want het was de directie verteld toen ze eind mei 1940 in Berlijn de eerste besprekingen over de opdracht hielden; er werd niet geheimzinnig over gedaan; het kan nu in de directieverslagen gelezen worden die bij het Haags Gemeentearchief gedeponeerd zijn). Kloostra gaf het door aan Nico Wijnen, die aan Herman Holstege en die bracht het in Amsterdam naar of de landelijke leiding van de CPN die het verder doorspeelde aan Daan Goulooze of hij bracht het zelf rechtstreeks naar Goulooze. Goulooze zelf twijfelde of het een serieus bericht was en ging overleggen met Leon Trepper. Trepper was wel meteen overtuigd van het belang en gaf opdracht het onmiddellijk naar Moskou door te seinen. Daarna liet Goulooze het door de Duitse emigrant Johann Wenzel naar Moskou zenden. Na de oorlog zou Goulooze verklaren dat dit een van de eerste berichten van zijn groep naar Moskou was.

[De datum waarop dit speelde staat nergens vermeld, zodat ik in eerdere schrijfsels van mijn hand heb vermeld dat dit in augustus-september 1940 speelde, omdat de productie bij Pander pas in de loop van augustus op gang kwam. Maar ik realiseer me nu dat ik aan de hand van de arrestatiedata van Nico Wijnen op 27 juli 1940 en Herman Holstege op 1 augustus 1940 dit beter in de tijd kan plaatsen. Het moet eerder nog tijdens de voorbereidingsfase van de productie gespeeld hebben. Omdat Wijnen in Amsterdam ondergedoken zat en moeilijk bereikbaar was, schat ik het nu op half juli 1940: een belangrijke directievergadering over de opdracht werd op 12 juli gehouden, terwijl de opdracht definitief op 30 juli verleend werd, waarna de productie een week later van start ging.]

Dit bericht naar Moskou is waarschijnlijk het eerste concrete bericht naar Stalin geweest dat Duitsland zich voorbereidde op een aanval op de Sovjet Unie ondanks het niet-aanvalspact. In principe kan het bericht zelfs de uitslag van de Tweede Wereldoorlog bepaald hebben. Immers, nu kon Hitler Moskou net niet innemen, wat de militaire uitschakeling van de Sovjet Unie had kunnen betekenen, terwijl zonder voorbereidingen of tactische aanpassingen dankzij de waarschuwing dit mogelijk wel was gebeurd (historici zijn het er over oneens of de Sovjet Unie voorbereidende maatregelen had getroffen). Daarmee is dit kleien bericht ver weg de belangrijkste verzetsdaad van enige groepering in de wereld tijdens de Tweede Wereldoorlog. Desondanks schrijven Nederlandse historici dat de groep Wollweber geen verzetsorganisatie was. Het bericht was niet alleen belangrijk puur vanwege de geplande aanval, maar het gaf ook iets prijs over de door de Duitsers te voeren planning en tactiek. Uit het bericht kan worden afgelezen dat de Duitsers verwachtten dat een oorlog tot in of voorbij de winter zou duren en niet zoals andere oorlogen in een paar weken beslecht zouden zijn en het gaf prijs dat een deel van de bevoorrading per vliegtuig zou gebeuren wat weer informatie gaf over de omvang van de bevoorrading. Allemaal belangrijke militaire informatie!

In het najaar van 1940 werd vrijwel iedereen gearresteerd en vermoord. De weinige overlevenden sloten zich toen bij het communistisch verzet aan. Ook toen bleef een belangrijk onderdeel voor hen het radiocontact met Moskou. In Amsterdam waren vijf geheime zenders in bedrijf. De Duitsers konden het waarnemen, maar konden ze niet oprollen. Waarschijnlijk door de gedegen spionageopleiding in Moskou wisten ze lang buiten bereik van de Duitsers te blijven. De Duitsers hoorden het radiocontact als reeksen piepjes en noemden de verzameling zenders daarom een orkest: das ‘Rote Orkest’ (er kon gedetecteerd worden dat er antwoorden uit Moskou kwamen, zodat het bekend was dat het om communisten ging). De bedieners van de morsesleutels werden ‘pianisten’ genoemd (iedere pianist had zijn eigen ritme en kon zo herkend worden, maar de identiteit bleef uiteraard onbekend). Ik ken de namen van drie ‘pianisten’: Daan Goulooze, Wim Gnirrep en Johann Wenzel. Voor het contact tussen de pianisten en de illegale CPN werden koeriersters ingezet. Je kunt die als leden van de groep Wollweber beschouwen, maar wisten vrijwel niets over de groep en de activiteiten. Een tante van mij, Jopie Gnirrep-Harthoorn was zo een koerierster en had een zendtoestel in huis die door haar zwager Wim Gnirrep bediend werd.

Weliswaar ontkent het NIOD dat de groep Wollweber geen verzetsgroep was, kunnen bij de verzetsactiviteiten verbanden gevonden met communistische verzetsgroepen als CPN, De Waarheid, CS6, NVM en Duits emigrantenverzet.

Na de oorlog hielden de weinige overlevenden hun lippen stijf op elkaar, want men was bang voor vervolging door de Binnenlandse Veiligheidsdienst en zijn voorgangers en sommige overlevende hadden een vooroorlogse spionageachtergrond, waardoor ze zich gedwongen voelden niets te vertellen. Ook bestond er vrees voor strafvervolging voor vooroorlogse aanslagen en civiele procedures voor een schadevergoeding voor de aangebrachte schade. Verder moet het niet uitgesloten worden geacht dat enkelen na de oorlog hun inlichtingenwerk voortzetten of zich slapende hielden om weer ten tijde van een oorlog weer in actie te komen. Daardoor is niets bekend over eventuele andere verzetsactiviteiten.

De vroege arrestaties van de leden van de groep Wollweber

Op 3 mei 1940 ging de minister van Justitie Gerbrandy er toe over om 18 prominente NSB’ers te interneren, omdat er sterke aanwijzingen waren dat op korte termijn een Duitse aanval te verwachten was. Maar het idiote was dat niet alleen deze potentiële landverraders gearresteerd werden, maar ook drie van de allergrootste tegenstanders van het Duitse fascisme. Het waren communisten die lid waren van de groep Wollweber en die al jarenlang betrokken waren bij bomaanslagen op Duitse schepen, waarmee ze veel schade aan het Duitse leger hadden toegebracht. De gearresteerden waren Adriaan Feij, Jan van den Hoonaard en Johannes Proost. De 21 geïnterneerden werden opgesloten in Fort Prins Hendrik bij het dorp Ooltgensplaat op het Zuid-Hollandse eiland Goeree-Overflakkee.
Na de inval van het Duitse leger kwam de nederlaag snel in zicht en de regering vluchtte naar Londen. Gerbrandy liet echter geen instructie achter wat er met de geïnterneerden moest gebeuren. Ze werden daarom door het terugtrekkende leger in een vrachtwagen meegenomen, samen met enige andere personen die wat later in het fort waren opgesloten. Volgens sommige bronnen (ze gaan vermoedelijk terug op de NSB’ers), waarvan het waarheidsgehalte in twijfel wordt getrokken, zou de kolonne onderweg prins Bernhard zijn tegengekomen en die zou gezegd hebben dat de gevangenen ter plekke doodgeschoten moesten worden. Uiteindelijk kwam de groep gevangenen bij Calais in Noord-Frankrijk aan. De later toegevoegde gevangenen werd vrijgelaten en konden op eigen gelegenheid naar Nederland terugkeren. De NSB’ers werden aan de Duitsers overgedragen die hen vrijlieten en triomfantelijk naar Nederland terugbrachten. De drie communisten werden op 26 mei aan de Duitsers uitgeleverd in de wetenschap dat ze ter dood zouden worden gebracht.
Tijdens de rit naar Noord-Frankrijk zou Adriaan Feij bang zijn geworden en met de NSB’ers hebben aangepapt. De bron hiervan zijn ook de NSB’ers, dus het waarheidsgehalte is onduidelijk). Na de overdracht aan de Duitsers heeft Feij in ieder geval met de Duitsers aangepapt om zijn eigen hachje te redden. Terug in Nederland is hij op zoek gegaan naar waar de andere leden van de groep Wollweber zaten ondergedoken. Hij wist naar nagenoeg alle leden van de groep te leiden, wat aan lijkt te tonen dat de groep nog steeds als een ondergrondse groep fungeerde. In Den Haag werd de voormalige prostituee Lina Hartmann door de chef van het Referat Kommunismus Ernst Knorr ingezet om daar ondergedoken leden van de groep Wollweber op te sporen. Zij had rood geverfd haar, wat deze Sicherheitsdienst-spionne de bijnaam Rote Fuchs bezorgde. Bij elkaar konden 17 leden van de groep Wollweber opgepakt worden. Ze werden naar Hamburg afgevoerd.
In Hamburg werden ze zwaar gemarteld om zoveel mogelijk informatie uit ze te persen. Als gevolg daarvan pleegde Helena Margaretha Seegers-Budde, de ex-vrouw van de prominente Amsterdamse communist Leen Seegers, zelfmoord. De meeste leden werden naar een concentratiekamp gestuurd, waar ze allemaal zijn omgekomen en anderen gingen naar Berlijn, waar hen een strafproces stond te wachten. Daar werden ze ter dood veroordeeld, welke straf voltrokken moest worden door onthoofding met een handbijl. Joseph Schaap en Jan van Schaik zijn inderdaad zo ter dood gebracht. Anderen zouden later geëxecuteerd worden en zijn tijdens de Berliner Blutnächte om het leven gebracht.
De Berliner Blutnächte zijn een gevolg van een bombardement op Berlijn, waarbij de gevangenis ernstig beschadigd raakte. Overlevende gevangenen moesten bij gevangenen in een onbeschadigd deel van de gevangenis gepropt worden, waardoor een onhanteerbare situatie ontstond. Daarop werd besloten de vele doodvonnissen versneld uit te voren gedurende de nachtelijke uren van enkele dagen. Er wordt verhaald dat dat gebeurde door de mensen aan vleeshaken wurgend op te hangen. Dit staat bekend als de Berliner Blutnächte. Maar de term ‘Blutnächte’ suggereert dat er veel bloed gevloeid is en dat kan alleen door doodschieten en onthoofdingen (vooral bij dit laatste vloeit veel bloed). Veel auteurs zeggen dat er geen onthoofdingen konden plaats vinden, omdat de guillotine bij het bombardement beschadigd was. Maar voor een onthoofding met een handbijl is de guillotine niet nodig. Daarom houd ik het er maar op dat het onbekend is hoe het doodvonnis uitgevoerd is.
Na de oorlog werd Feij vanwege zijn verraad tot 18 jaar gevangenisstraf veroordeeld, maar Gerbrandy die de echte veroorzaker was zonder zelf gevaar te lopen, werd niet vervolgd.
De niet-gearresteerde leden gingen verder binnen het kader van de CPN. Daan Goulooze en anderen bleven naar Moskou seinen.

De latere arrestaties van de leden van de groep Wollweber

In Den Haag werd de Documentatiedienst door de V-Mann Peter Marsman getipt dat er in de Vierbergenstraat een Joods gezin ondergedoken zat. De politiemannen Johannes Krom (voormalig lid van de Centrale Inlichtingendienst), Cornelis Leemhuis (een vooroorlogse Haagse politieman die toen voor de Duitse spion Protze spioneerde) en Jan Viëtor (een vooroorlogs lid van de Haagse Politie Inlichtingendienst) gingen er op af en arresteerden het Joodse gezin Mendels. Als vooroorlogse communistenjagers hadden ze snel door dat de zoon Jacob een vooroorlogs lokaal bestuurslid van de RSAP was. Ze wisten de zoon over te halen om voor hen te gaan spioneren en beloofden als tegenprestatie dat zijn ouders niet naar Auschwitz, maar naar et elitekamp Theresienstadt gestuurd zouden worden. Jacob zou aan het vooroorlogse lid van de Haagse Politie Inlichtingendienst Marten Slagter moeten gaan rapporteren.
Het eerste doel was de Haagse pater Martinus ten Berge die naar Nijmegen was vertrokken. Op deze wijze kon een ‘pilotenlijn’ geïnfiltreerd worden. De Duitse spion Protze, die inmiddels een topfunctie in de Nederlandse afdeling van de Duitse Abwehr (contraspionage) vervulde, liet zijn ondergeschikten Leemhuis en Viëtor via de pilotenlijn naar respectievelijk Parijs en de Pyreneeën reizen om de lijn goed in beeld te brengen. Daarna werden zo nu en dan medewerkers van de pilotenlijn en Engelandreizigers gearresteerd, maar wat nog gevaarlijker was dat hij Duitse spionnen naar Engeland liet reizen, waarna ze buitengewoon veel schade konden aanrichten door gegevens over te droppen spionnen door te geven.
De tweede taak van Jacob Mendels was het infiltreren bij de Amsterdamse communisten. Hij moest dat doen via kapelaan Vroom van de kerk aan de Rozengracht in Amsterdam. Via Vroom kwam hij in contact met de katholieke communist Petrus (Pam) Pooters, die lid was van de resterende groep Wollweber. Jacob wist geleidelijk diens vertrouwen te winnen en ging De Waarheid verspreiden.
Met behulp van de informatie van Mendels kon de beruchte Sicherheitsdienst vertrouwensman Anton van der Waals een val voor Pooters opzetten. Een speciaal arrestatieteam uit Den Haag, het Sonderkommando Munt, bestaande uit Johannes Munt, Otto Lange en Wilhelm Mönnich ging op 6 augustus 1943 naar Amsterdam en wist de wegvluchtende Pooters neer te schieten. Pooters bleef in leven, maar werd op 1 oktober 1943 in Overveen gefusilleerd. De Sicherheitsdienst noemde hem de leider van de Russische spionage in Nederland.
De Sicherheitsdienst had om onduidelijke redenen het vertrouwen in Jakob Mendels verloren. Ze zonden de drie gezinsleden in plaats van naar het beloofde Theresienstadt naar Auschwitz, waar ze vermoord werden.
De Sicherheitsdienst wist door de analyse van het radioverkeer dat er vijf geheime zenders waren. Ze ging op zoek en achterhaalde op verschillende adressen vier zenders. De vijfde zender stond in de Hudsonstraat 159 III, waar mijn tante woonde. Ze werd gewaarschuwd dat Pooters gearresteerd was, waarop ze reageerde door de zender over het achterbalkon aan de buren te overhandigen en hals over kop te vertrekken. Ze liet een zuster de zender afhalen en naar elders overbrengen. Twee dagen later verscheen de Sicherheitsdienst, maar die vond bij een huiszoeking niets en mijn tante bleef spoorloos verdwenen.
Daan Goulooze zelf was in de driekoppige leiding van de landelijke CPN gekomen. Een ander lid van het driemanschap werd op 10 november g1943 gearresteerd. Na een verhoor van 24 uur achtereen gaf hij prijs dat er op 14 november in Utrecht een bijeenkomst van het driemanschap was. De Sicherheitsdienst zette posten uit en kon zo de andere twee leden Kees Schalker en Daan Goulooze arresteren. Schalker werd op 23 juli 1944 gefusilleerd, maar Goulooze werd door de Duitse contraspionage benut om een Spiel analoog met het Englandspiel met Moskou op te zetten. Goulooze moest een geheime zender naar Moskou bedienen en door de Sicherheitsdienst opgestelde informatie doorseinen. Goulooze speelde braaf mee, maar seinde wel een waarschuwingscode die betekende dat hij in Duitse handen was gevallen. Moskou speelde het spel ook mee en heeft zo de Sicherheitsdienst lang bezig gehouden met onzin. Door dit Spiel kon Goulooze de oorlog overleven.

Overzicht activiteiten groep Wollweber

1933 – 1943:
Spionage in Frankrijk (verzamelen van gegevens over politiek en stemming onder bevolking en verzenden daarvan per radio)
1933 – 1943
Spionage in Duitsland, verzet in Duitsland (verzamelen van gegevens over militaire voorbereidingen, productie, politieke situatie en stemming onder bevolking, verspreiden pamfletten, sabotage, aanslagen en seinen daarvan per radio)
1933 – 1943
Opvangen van communistische vluchtelingen uit Duitsland en verbergen voor politie
1933 1943
Steunen Duits communistisch verzet met drukken en naar Duitsland smokkelen van pamfletten, smokkelen van springstoffen naar Duitsland, zenden naar Duitsland van voor verzet getrainde mensen
1935 – 1938
Verzamelen gegevens over transport van goederen naar Franco-Spanje, plegen van aanslagen op schepen
1936 – 1940
Voorbereiden van lokale communisten op verzet tegen Duitse bezetting
1940 – 1943
Spionage in door Duitsland bezette gebieden (verzamelen van gegevens over politiek en stemming onder bevolking en verzenden daarvan per radio, training van lokale verzetsmensen)
1940 – 1945
Deelname aan lokaal communistisch verzet in bezette gebieden.

Activiteiten in Nederland:
1933 – 1943
Opvangen van communistische vluchtelingen uit Duitsland en verbergen voor politie
1933 1943
Steunen Duits communistisch verzet met drukken en naar Duitsland smokkelen van pamfletten, smokkelen van springstoffen naar Duitsland per binnenvaartschip en zeeschip, zenden naar Duitsland van voor verzet getrainde mensen, per radio naar Moskou seinen van gegevens uit Nederland en Duitsland
1935 – 1938
Verzamelen gegevens over transport van goederen naar Franco-Spanje, plegen van aanslagen op schepen
1936 – 1940
Voorbereiden van Nederlandse communisten op verzet tegen Duitse bezetting
Spionage in door Duitsland bezette gebieden (verzamelen van gegevens over politiek en stemming onder bevolking en verzenden daarvan per radio, training van lokale verzetsmensen)
1940 – 1945
Deelname aan Nederlands communistisch verzet.

De leden van de Nederlandse tak van de groep Wollweber

Onderstaande lijst bevat mensen van verschillende nationaliteiten, die enige tijd in Nederland hebben verbleven en vandaar uit activiteiten voor de groep Wollweber hebben ontplooid. Een belangrijk deel (vooral buitenlanders) is alleen voor de oorlog actief geweest. Ik heb ook mensen opgenomen die rechtstreeks meewerkten met leden van de groep Wollweber, alhoewel die mensen vaak niet geweten hebben dat ze met de groep Wollweber te maken hadden. Zodoende heb ik met name enkele Groningse communisten die met August Kraak samenwerkten opgenomen. Voor hen begon het verzet tegen Hitler al in 1933, waarbij ze soms levensgevaarlijke acties over de grens ondernamen.
De mij bekende leden van de groep Wollweber, voor zover ze voor (vanaf 1933) en tijdens de oorlog substantiële activiteiten in Nederland verricht hebben, zijn:

Arnold, Cornelis (Ko), Rotterdam 27-6-1905, Timmerman
Woonachtig: Abcoudestraat 32, Rotterdam
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Los werkman. Communist. Verdacht van scheepssabotage. (deze vermelding betekende zijn doodvonnis)
Gearresteerd: 6-9-1940 voor Sicherheitspolizei
Gevangenschap in: Haagsche Veer, Hamburg, Oranienburg
Overleden: Oranienburg 2-2-1945
Opmerkingen: Hij werd op 6-9-1940 opgesloten in het Huis van Bewaring in Rotterdam met als vastgelegde reden: ‘communistische agitatie?’ Op 20-9-1940 overgebracht naar Hamburg.


Barbier, Levie (Leon), Den Haag 15-10-1911, Expeditieknecht
Woonachtig: Rembrandtstraat 23 (Schildersbuurt)
Gearresteerd: 1940
Gevangenschap in: Fuhlsbüttel, Sachsenhausen, Berlijn
Overleden: Berlijn-Plötzensee 7-9-1943 veroordeeld tot doodstraf door onthoofding met handbijl, executie tijdens Berliner Blutnächte waarschijnlijk door ophanging
Bijzonderheden: Van Joodse afkomst. Hij werd ter dood veroordeeld, welk vonnis met de handbijl ten uitvoer moest worden gebracht.
Opmerkingen: Hij was voor de oorlog lid van scheepssabotageploeg van de groep Wollweber (Internationale Zeeliedenhulp), die aanslagen pleegde op schepen van Duitsland, Italië en Japan, die militaire goederen naar de staatsgreep plegende fascistische dictator Franco brachten. In 1937 huurde burgemeester Oud Nederlands grootste landverrader Anton van der Waals in om in samenwerking met de Gestapo de daders op te sporen. Oud liet de chef van de Rotterdamse Politie Inlichtingendienst de namen van de leden van de groep, onafhankelijk van het feit of ze iets strafbaars hadden gepleegd, aan de Gestapo in Hamburg leveren, terwijl hij wist dat dat hun doodvonnis kon betekenen. Onmiddellijk na de Duitse bezetting startte de Gestapo een jacht op de groep. Van Schaik verhuisde in januari 1940 naar Den Haag en schreef zich niet in het bevolkingsregister in. Daardoor kon de Sicherheitsdienst hem niet opsporen, maar dat lukte wel na inzet van de V-Frau Lina Hartmann. Het grootste deel van de groep Wollweber kon gearresteerd worden en werd in Hamburg afgrijselijk zwaar gemarteld. Hij werd vervolgens in een proces ter dood met de handbijl veroordeeld. Hij werd tijdens de Berliner Blutnächte om het leven gebracht; in die nacht werden tientallen doodvonnissen ten uitvoer gebracht door ophanging, omdat de gevangenis bij een bombardement beschadigd was geraakt. Het is onbekend of het doodvonnis van Barbier met de bijl of door ophanging is voltrokken.
Op internet staat vermeld dat hij gearresteerd werd, omdat hij tijdens tewerkstelling in Duitsland anti-Hitler leuzen had geschilderd. Op basis van wat ik gevonden heb, is dat onjuist.

Bargstädt, Karl, Hamburg 30-10-1904, Bankwerker bij de locomotiefbouw
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij vluchtte in 1933 naar Zweden en ging vervolgens in 1935 naar Noorwegen, vandaar reisde hij door Europa en verbleef daarbij ook enige tijd in Nederland. Daar kreeg hij van Joop Schaap de leiding over de technische aspecten van de scheepssabotage.

Becker, Ludwig, Landstuhl (Duitsland) 1-1-1893, bedrijfsleider van een uitgeverij
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij was sinds 1921 lid van de KPD. Hij vluchtte in november 1935 naar Nederland. Hij kreeg na Cäcilie Hansmann de leiding over de KPD in Nederland. Nadat de organisatie grotendeels was opgerold gaf hij aan de niet-gearresteerde Duitse communisten het advies zich bij het Nederlands communistische verzet aan te sluiten.

Beguin, Achille Camille Theodoor, Gorinchem 10-7-1909, Chauffeur
Woonachtig: De Wittenkade 92 I Amsterdam
Verwantschap: Hij was gehuwd met Gijsbertje Beguin-Van Heusden
Gearresteerd 15-10-1940
Gevangenschap in: Weteringschans, Fuhlsbüttel, Sachsenhausen, Berlijn Plötzensee
Overleden: Berlijn-Plötzensee 7-9-1943 doodstraf door onthoofding of opgehangen.
Bijzonderheden: hij werd ter dood veroordeeld, welk vonnis met de handbijl ten uitvoer moest worden gebracht. Tijdens de Berliner Blutnächte werd hij waarschijnlijk opgehangen.
Opmerkingen: Hij was vrijwilliger bij de Internationale Brigade tijdens de Spaanse burgeroorlog. Hij had voor de oorlog de leiding over het Nederlandse deel van de scheepssabotagegroep. Hij was niet thuis toen de Sicherheitsdienst hem kwam arresteren; hij ging op 15 oktober op het politiebureau informeren waarom zijn echtgenote gearresteerd was en werd toen meteen vastgehouden.

Beguin-Van Heusden, Gijsbertje (Leentje), Brakel 7-1-1914
Woonachtig: Hoofdstraat 171 Schiedam
Verwantschap: Zij was gehuwd met Achille Camille Theodoor Beguin
Gearresteerd: 9-10-1940, vrijgelaten december 1940
Gevangenschap in: Weteringschans, Fuhlsbüttel
Opmerkingen: Zij vervoerde voor de oorlog explosieven in speciaal daarvoor gemaakte gordels; de explosieven werden aan boord van schepen die naar Duitsland voeren gebracht.

Beuttel, Friedrich Wilhelm (Robert), Durlach (Duitsland) 10-8-1900, Kleermaker
Verwantschap: Zijn partner was Maria Rentmeister
Gearresteerd: 10-2-1943 in Berlijn
Gevangenschap: Keulen
Overleden: Keulen 27-7-1944, doodstraf door onthoofding
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij werd in 1932 voor de KPD lid van de Hessische landdag. In 1934 vluchtte hij naar Parijs en vestigde zich vervolgens in Amsterdam, waar hij in de illegale leiding van de KPD kwam. Zijn schuilnaam was Robert. In 1942 deed hij zich voor als Nederlandse arbeider die vrijwillig in Duitsland kwam werken. Vanuit eerst Durlach en vervolgens Berlijn werkte hij met Wilhelm Knöchel samen om opnieuw een binnenlandse KPD-leiding op te bouwen.

Ekhart, Willem, Den Haag 21-4-1921, Groenteboer
Woonachtig: Van Ravesteinstraat 175 Den Haag (Schildersbuurt)
Gearresteerd: zomer of najaar 1940
Gevangenschap in: Fuhlsbüttel, Berlijn
Overleden: Berlijn Plötzensee 7-9-1943 doodstraf door onthoofding of opgehangen aan een vleeshaak
Bijzonderheden: hij werd ter dood veroordeeld, welk vonnis met de handbijl ten uitvoer moest worden gebracht

Etten, Adrianus van, Roosendaal en Nispen 11-10-1878, Grondwerker Woonachtig: Jacob van Lennepstraat 272 III Amsterdam
Verwantschap: Hij was gehuwd met Hendrika Henriette van Etten-Smit

Etten-Smit, Hendrika Henriette, Amsterdam 8-4-1906
Woonachtig: Jacob van Lennepstraat 272 III Amsterdam
Verwantschap: Zij was gehuwd met Adrianus van Etten

Falkenberg, Otto Rudolf, Lodz (Polen) 23-3-1902, Ingenieur
Woonachtig: Amstel 228 I, Amsterdam
Verwantschap: Hij was gehuwd met Ida Falkenberg-Liefrinck
Gearresteerd: 1940
Gevangenschap in: Sachsenhausen
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij moest in 1933 uit Duitsland vluchten.

Falkenberg-Liefrinck, Ida (Liv), Arnhem 22-71901, Meubelontwerpster
Woonachtig: Amstel 228 I, Amsterdam
Verwantschap: Zij was gehuwd met Otto Rudolf Falkenberg
Opmerkingen: Zij had door haar huwelijk de Nederlandse nationaliteit verloren en had de Duitse nationaliteit. Zij moest in 1933 uit Duitsland vluchten.

Feij, Adriaan Johannes, Vlissingen 5-4-1895, Los werkman
Woonachtig: Beverstraat 85, Rotterdam
Gearresteerd: 3-5-1940, aan Duitsers uitgeleverd 26-5-1940, vrijgelaten eind zomer 1940
Gevangenschap in: Ooltgensplaat, Fuhlsbüttel
Bijzonderheden: Hij werd door de Rotterdamse Politie Inlichtingendienst gearresteerd en in Fort Prins Hendrik op Ooltgensplaats opgesloten. Na de Duitse inval werd hij met Nederlandse meegevoerd naar Calais in Noord-Frankrijk, waar hij aan de Duitsers werd uitgeleverd.
Opmerkingen: Hij was voor de oorlog lid van de scheepssabotagegroep, hij liep uit angst naar de Duitsers over en verraadde veel leden van de scheepssabotagegroep die bijna allemaal om het leven zijn gekomen. Hij werd na de oorlog vanwege het verraden van de leden van de scheepssabotagegroep tot 18 jaar gevangenisstraf veroordeeld.

Fictels, Alphonsus, Antwerpen 2-3-1907
Gevangenschap: Mauthausen, Groß Rosen
Overleden: Groß Rosen 30-3-1942
Opmerkingen: Hij had de Belgische nationaliteit.

Fischer, Erwin, Frauensee (bij Stettin, Duitsland), Arbeider op scheepswerf
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij was een Duitse vluchteling. Zijn schuilnaam was Krüger. Hij was betrokken bij het zenden van illegale geschriften naar Duitsland en werd daarvoor in 1937 tot 3 maanden gevangenisstraf veroordeeld. Na het uitzitten van zijn straf wilde de Nederlandse regering hem aan Duitsland uitleveren, waar zeker de doodstraf wachtte, maar door veel publieke protesten werd dat teruggedraaid; hij werd geïnterneerd en in mei 1940 aan de Duitse bezettingsmacht uitgeleverd (zodat de Nederlandse regering alsnog zijn zin kreeg dat hij om het leven zou worden gebracht); hij werd op 9-12-1942 in Duitsland terechtgesteld.

Fleeré, Theodorus Andreas Antonius, Amsterdam 15-7-1900, Grondwerker
Woonachtig: Hoofdweg 477 II Amsterdam
Verwantschap: Hij was gehuwd met Jakoba Elisabeth Fleeré-de Nijs
Gearresteerd: 9-10-1940
Gevangenschap in:
Gevangenschap in: Weteringschans, Fuhlsbüttel, Berlin-Moabit, Sachsenhausen.
Overleden: Oranienburg 19-12-1943 ten gevolge van een medische proef met tbc-besmetting
Opmerkingen: Gearresteerd door verraad door Adriaan Feij, gearresteerd in Hoorn

Fleeré-de Nijs, Jakoba Elisabeth (Coba), Duisburg 5-6-1908
Woonachtig: Hoofdweg 477 II Amsterdam
Verwantschap: Zij was gehuwd met Theodorus Andreas Antonius Fleeré, haar zuster Elisabeth was gehuwd met Johannes Lemaire.
Gearresteerd: zomer of najaar 1940
Gevangenschap in: Weteringschans, Fuhlsbüttel, Berlin-Moabit, Sachsenhausen.
Opmerkingen: Zij vervoerde voor de oorlog explosieven in speciaal daarvoor gemaakte gordels; de explosieven werden aan boord van schepen die naar Duitsland voeren gebracht. Zij werd gearresteerd door het verraad door Adriaan Feij.

Fried, Evžen (Eugen, Clément), 11-3-1900 Trnava (Oostenrijk-Hongarije, nu Bulgarije)
Overleden: Brussel 17-8-1943
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij was een belangrijke leider binnen de Komintern. Hij was voornamelijk in Brussel actief, maar verbleef ook enkele periodes in Nederland.

Geest, Klaas van der, Schiermonnikoog 27-11-1903, 2e stuurman
Woonachtig: Den Helder / Groningen
Gearresteerd: 1941
Gevangenschap: Hamm, Delmenhorst, Vechta
Bijzonderheden: Hij werd vanwege zijn vooroorlogse activiteiten tot een gevangenisstraf veroordeeld.
Opmerkingen: Via Klaas wist August Kraak na zijn vlucht naar Nederland in 1934 het contact met de Duitse communistische partij KPD te herstellen.

Geilvoet, Johan Leendert, Heenvliet 6-11-1901, Metselaar
Woonachtig: Daniël Stalpaertstraat 17 II Amsterdam
Verwantschap: Hij was gehuwd met Henderina Jannetje Geilvoet-’t Mannetje
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Werklozen Congres R.V.O. Partijcongres C.P.N. (Amsterdam 1935). C.P.H. Werklozen-eenheidscongres (Amsterdam 1934).

Geilvoet-’t Mannetje, Henderina Jannetje, Rockanje 22-3-1904
Woonachtig: Daniël Stalpaertstraat 17 II Amsterdam
Verwantschap: Zij was gehuwd met Johan Leendert Geilvoet
Gearresteerd: voor 8-1942
Gevangenschap in: Vught, Oranjehotel

Gentsch, Erich Fritz (Alwin), Altenburg (Duitsland) 1-8-1893, Metaalarbeider
Verwantschap: Hij was gehuwd met Erna Gentsch-Kuhn en de vader van Hildegard en Ilse Gentsch
Gearresteerd: 23-4-1943
Gevangenschap in: Oranjehotel, Vught, Stuttgart
Overleden: Stuttgart 24-8-1944, doodstraf door onthoofding
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij zat vanwege zijn KPD-lidmaatschap in 1933 enige maanden opgesloten in het tuchthuis Sonnenburg. Hij vluchtte na zijn vrijlating in 1934 naar het Saargebied en maakte daar propaganda tegen het Saargebied bij Hitler-Duitsland. Na de aansluiting van het Saargebied bij Duitsland vluchtte hij naar Praag vanwaar hij verzet tegen Hitler organiseerde. Kort daarop vestigde hij zich in Amsterdam, waar hij in de leiding van de KPD kwam en tijdens het verblijf van Knöchel in Parijs hem als leider van de KPD verving. Na de Duitse inval zette hij zijn ondergrondse activiteiten voort onder de schuilnaam ‘Alwin‘ en ook wel ‘Tom de Jager‘. Doordat Wilhelm Knöchel na zware martelingen doorsloeg kon hij in april 1943 gearresteerd worden toen hij het op Duitsers in Nederland gerichte illegale kwartaalblad Die Freiheit samen met zijn echtgenote verspreidde. Hij werd ter dood veroordeeld en onthoofd. Op het schavot riep hij nog zijn laatste woorden: ‘Nieder mit Hitler!

Gentsch, Hildegard, Stuttgart 27-2-1915
Verwantschap: Zij had de Duitse nationaliteit. Zij was de dochter van Erich Fritz en Erna Gentsch-Kuhn en de zuster van Ilse Gentsch
Gearresteerd: 23-4-1943
Opmerkingen: Zij was Duitse. Zij kwam in 1936/37 met haar moeder naar Amsterdam en nam zowel voor als tijdens de oorlog deel aan het illegale werk.

Gentsch, Ilse, Stuttgart 9-2-1917
Verwantschap: Zij was de dochter van Erich Fritz en Erna Gentsch-Kuhn en de zuster van Hildegard Gentsch
Gearresteerd: 23-4-1943
Opmerkingen: Zij had de Duitse nationaliteit. Zij kwam in 1936/37 met haar moeder naar Amsterdam en nam zowel voor als tijdens de oorlog deel aan het illegale werk. Zij werd in 1943 tot een jaar gevangenisstraf veroordeeld.

Gentsch-Kuhn, Erna, Erfurt (Duitsland) 9-6-1893
Woonachtig: Pieter van der Doesstraat 58 Amsterdam
Verwantschap: Zij was gehuwd met Erich Fritz Gentsch en de moeder van Hildegard en Ilse Gentsch
Gearresteerd: 23-4-1943
Gevangenschap in: Oranjehotel, Düsseldorf, Ravensbrück
Overleden: Ravensbrück 5-2-1945
Opmerkingen: Zij had de Duitse nationaliteit. Zij voegde zich in 1936/37 bij haar echtgenoot in Amsterdam en nam deel aan het illegale werk. Doordat Wilhelm Knöchel na zware martelingen doorsloeg kon zij in april 1943 gearresteerd worden toen zij het op Duitsers in Nederland gerichte illegale kwartaalblad Die Freiheit samen met haar echtgenoot verspreidde.

Gerber, Gustav, München-Gladbach (Duitsland) 10-6-1879, Lithograaf
Woonachtig: Amaliastraat 22 II, Amsterdam
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij was voor de illegale KPD in Amsterdam de expert voor het vervalsen van identiteitspapieren. Zijn kennis en ervaring hebben via de CPN ook veel betekenis gehad voor de later in de oorlog gevormde verzetsgroepering Landelijke Organisatie voor hulp aan onderduikers (LO).
Het huis waarin hij verbleef, vlakbij Schiphol, werd tijdens de oorlogsdagen van mei 1940 door bommen getroffen, zodat hij te voet naar Amsterdam moest gaan. De politie controleerde iedereen op de wegen en arresteerde hem. Hij werd in een vochtige kelder opgesloten en liep een longontsteking op, waarvoor hij in het Wilhelmina-gasthuis opgenomen moest worden. Hij was onmisbaar voor de KPD (en tijdens de oorlog voor de CPN) en daarom werd met behulp van communistische verpleegsters een ontsnapping geregeld.

Gnirrep, Wilhelm, Dortmund, 29-12-1910, Elektricien
Woonachtig: Egidiusstraat 65 III, Amsterdam
Verwantschap: Hij was de zwager van Johanna Wilhelmina Gnirrep-Harthoorn
Opmerkingen: Hij was een van de ‘pianisten’ die via een geheime zender gegevens naar Moskou zonden.

Een geheime zender van Daan Goulooze die wel door de Sicherheitsdienst achterhaald werd.

Gnirrep-Harthoorn, Johanna Wilhelmina, Amsterdam 30-1-1921, Naaister
Woonachtig: Hudsonstraat 159 III, Amsterdam
Verwantschap: Zij was de schoonzuster van Wilhelm Gnirrep
Opmerkingen: Haar echtgenoot Pieter Gnirrep werd veroordeeld tot 10 jaar tuchthuis vanwege het mede-organiseren van de Februaristaking; hij zat in Siegburg opgesloten. Zij was koerierster voor zowel Daan Goulooze als Petrus Pooters; zij had een geheime zender in huis die door haar zwager Wilhem Gnirrep bediend werd. Na de arrestatie van Pooters ging ze Joodse kinderen naar Friesland brengen.

Daan Goulooze op latere leeftijd

Goulooze, Daniël (Daan, Johan Wilders), Amsterdam 28-4-1901, Postzegelhandelaar
Woonachtig: Willem de Zwijgerlaan 155 I, Amsterdam
Verwantschap: Zijn zuster Saapke was gehuwd met Willem Zwart.
Gearresteerd: 14-11-1943 in Utrecht als gevolg van het doorslaan van Ko Beuzemaker.
Gevangenschap: Vught, Sachsenhausen
Opmerkingen: Hij was van Joodse afkomst. Hij had voor en tijdens de oorlog de leiding over het radioverkeer van de groep Wollweber / Scheepssabotagegroep / Rote Kapelle met Moskou. Hij werd in 1943 opgenomen in het leidend driemanschap van de illegale CPN. Hij kon Sachsenhausen overleven doordat hij door Johannes Zwart meer dood dan levend in een transport uit Vught herkend werd als de broer van zijn schoonzuster en tevens als zijn leermeester in het communisme en hem onder de valse naam Gerrit Gouwers, de naam van een tijdens het transport overleden pastoor, in het kampregister inschreef.

Gundermann, Marianne (Johanna Rudolph), Crimitschau (Thüringen, Duitsland) 20-8-1902, Redactrice
Woonachtig: Cornelis Trooststraat 34 III, Amsterdam
Gearresteerd: 23-4-1943
Gevangenschap: Oranjehotel, Düsseldorf, Auschwitz, Ravensbrück
Opmerkingen: Zij was van Joodse afkomst. Zij had de Duitse nationaliteit.

Hansmann, Cäcilie (Cilly, Elly), Keulen 15-6-1908, Boekhoudster
Woonachtig: Prinsengracht, Amsterdam
Opmerkingen: Zij had de Duitse nationaliteit. Zij vluchtte in 1933 naar Amsterdam en was daar tot 1945 betrokken bij de illegale activiteiten van de KPD. Zij kreeg na het vertrek van Knöchel de leiding over de KPD in Nederland en droeg die later weer over aan Ludwig Becker.

Hilbolling, Jakob, Anloo 16-6-1905, Schilder
Woonachtig: Singel 184 I, Amsterdam
Verwantschap: Hij was gehuwd met Hendrika Hilbolling-Voogd
Gearresteerd: 19-8-1942
Gevangenschap in: Amstelveenseweg Amsterdam, Saint-Gilles gevangenis Brussel, Fort Breendonk
Overleden: Fort Breendonk 24-1-1943, door de SS met een zweep dood geslagen.
Opmerkingen: Zijn woning was een aanloopadres voor koeriers voor de organisatie Wollweber / Rote Kapelle. Het adres werd prijs gegeven door de gearresteerde koerier Maurice Peper. Hij werd ter dood veroordeeld.

Hilbolling-Voogd, Hendrika (Riek), Enschede 14-6-1900, Strijkster
Woonachtig: Singel 184 I, Amsterdam
Verwantschap: Zij was gehuwd met Jakob Hilbolling
Gearresteerd: 19-8-1942
Gevangenschap in: Saint-Gilles gevangenis Brussel, Fort Breendonk, Ravensbrück, Mauthausen
Opmerkingen: Zij werd ter dood veroordeeld, maar kreeg gratie.
Opmerkingen: Haar woning was een aanloopadres voor koeriers voor de organisatie Wollweber / Rote Kapelle. Het adres werd prijs gegeven door de gearresteerde koerier Maurice Peper.

Hoedemaker, Evert, Amsterdam 14-6-1896, Zeeman
Woonachtig: Hoofdweg 238 I Amsterdam
Gearresteerd: 30-11-1940
Gevangenschap: Sachsenhausen, Flossenburg
Opmerkingen: gearresteerd door verraad door Adriaan Feij. In het kamp Sachsenhausen zag hij kans om wapens van buiten het kamp naar binnen te smokkelen ter voorbereiding van een opstand (die er nooit kwam).

Hoekstra, Jan, Leeuwarden 22-10-1893, Zeeman
Woonachtig: Dillenburgstraat 26 A, Rotterdam
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: C.P.N. (1937).
Gearresteerd: 15-6-1940 voor Geheime Feldpolizei, in 1942/43 vrijgelaten
Gevangenschap in: Haagsche Veer, Amersfoort, Hamburg, diverse concentratiekampen, Düsseldorf
Overleden: Rotterdam 5-6-1943 ten gevolge van het verblijf in concentratiekampen
Opmerkingen: Hij werd op 15-6-1940 opgesloten in het Huis van Bewaring in Rotterdam en op 27-7-1940 door een Duitse instantie afgehaald.

Holzer, Bruno Jozef
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij was voor de oorlog betrokken bij de smokkel naar Duitsland van daar verboden lectuur. Hij werd door de Nederlandse regering in Nieuwersluis geïnterneerd en op 21-5-1940 aan de Duitse bezetter uitgeleverd.

Hoonaard, Jan van den, ’s-Gravendeel 1-5-1891, Koopman, schipper
Verwantschap: Hij was een broer van Leendert en Lena van den Hoonaard
Gearresteerd: 3-5-1940, aan Duitsers uitgeleverd 26-5-1940
Gevangenschap: Ooltgensplaat, Fuhlsbüttel, Sachsenhausen, Groß-Rosen
Overleden: Groß-Rosen 27-4-1942
Opmerkingen: Hij smokkelde met zijn schip lectuur naar Duitsland die daar verboden was. In de zomer van 1937 smokkelde hij dynamiet vanuit Noorwegen naar Nederland, maar dat werd door de douane ontdekt. Hij werd tot een gevangenisstraf veroordeeld. Hij werd op 3-5-1940 in opdracht van minister van Justitie Gerbrandy gearresteerd en in Fort Prins Hendrik op Ooltgensplaat opgesloten. Bij de Duitse inval werd hij met terugtrekkende Nederlandse troepen naar Calais meegevoerd en daar aan de Duitsers uitgeleverd, terwijl bekend was dat dat zijn dood zou betekenen.

Hoonaard, Leendert van den, Strijen 22-2-1896, Grondwerker
Woonachtig: Leuvehaven 151 B, Rotterdam
Verwantschap: Hij was een broer van Jan en Lena van den Hoonaard.
Opmerkingen: Hij is in januari 1938 gescheiden van Elisabeth Catharina van Oort. Hij sneuvelde op 5-2-1938 als Spanjestrijder.

Hoonaard, Lena van den, Strijen 11-1-1906
Woonachtig: Hudsonstraat 213, Rotterdam
Verwantschap: Zij was een zuster van Jan en Leendert van den Hoonaard
Gearresteerd: 11-3-1942
Gevangenschap: Haagsche Veer, Vught, Utrecht, Kleef

Hoorn, Jan, Rotterdam 28-8-1905, Scheepschilder
Woonachtig: Hollandschestraat 91, Rotterdam
Verwantschap: Hij was de broer van Leendert Jacobus Hoorn
Gearresteerd: 3-10-1940
Gevangenschap in: Fuhlsbüttel, Berlijn-Plötzensee
Overleden: Berlijn-Plötzensee 7-9-1943 doodstraf door onthoofding of opgehangen aan een vleeshaak.
Bijzonderheden: Hij werd ter dood veroordeeld, welk vonnis met de handbijl ten uitvoer moest worden gebracht.

Hoorn, Leendert Jacobus, Rotterdam 7-11-1900, Matroos Rijnvaart
Woonachtig: Hollandschestraat 27 B, Rotterdam
Verwantschap: Hij was de broer van Jan Hoorn

Jansma, (Joop)
Verwantschap: Hij was de zoon van Piet Jansma
Opmerkingen: Hij werkte op het vliegveld Venlo. Daar hielp hij als opvolger van zijn vader tijdens de oorlog Nederlandse en Duitse communisten over de grens via een illegale grensovergang op het vliegveld.

Jansma, (Piet)
Verwantschap: Hij was de vader van Joop Jansma
Opmerkingen: Hij werkte op het vliegveld Venlo. Daar hielp voor en tijdens de oorlog hij Nederlandse en Duitse communisten over de grens via een illegale grensovergang op het vliegveld.

Kadt, Herman Henri de, Rotterdam 18-4-1907, Bedrijfsorganisator
Woonachtig: Coolhaven 150, Rotterdam
Gearresteerd: 29-5-1940
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Saloncommunist CPN District Rotterdam (1940). Sectiebestuur CPN (1939). Op vergadering actiecomité tegen slagkruiservlootplan (Rotterdam 1940).
Gevangenschap in: Oranjehotel, Hamm, Dachau
Overleden: Dachau 17 oktober 1941
Bijzonderheden: Op verzoek van de Duitsers liet burgemeester Oud bij de arrestatie politieassistentie verlenen; hij werd nog dezelfde dag door de Duitsers naar het Oranjehotel overgebracht. Hij werd in Hamm ter dood veroordeeld en in Dachau ten overstaan van duizenden gevangenen wurgend opgehangen.
Opmerkingen: Hij werd in 1933 door België uitgewezen vanwege het maken van communistische propaganda. Hij werkte met Duitse vluchtelingen samen om met binnenvaartuigen anti-Hitler propaganda naar Duitsland te smokkelen. Ten tijde van het bombardement op Rotterdam lag hij in het Joodse ziekenhuis aan de Schietbaan met een gebroken been ten gevolge van een motorongeluk; direct na de Nederlandse capitulatie werd hij door communistische kameraden per bakfiets naar zijn huis overgebracht. Ondanks dat hij al overleden was werd hij in september 1942 op de Rotterdamse lijst van communistische gijzelaars geplaatst; toen bleek dat hij door zijn vrouw in het bevolkingsregister van Den Haag was ingeschreven, werd hij op de Haagse lijst van communistische gijzelaars geplaatst. (Op internet staat veel onzin dat hij gearresteerd zou zijn omdat hij anti-Duitse propaganda maakte of dat hij foto’s van militairen maakte; burgemeester Oud liet hem gewoon van huis ophalen. Toen De Kadt een paar dagen later met zijn echtgenote naar Duitsland werd afgevoerd schreef de burgemeester een huichelachtig briefje naar de Commissaris van de Koningin dat hij zich zorgen maakte en vermeldde tegen beter weten dat De Kadt waarschijnlijk wegens communistische ‘agitatie‘ was opgepakt, wat vanwege het gipsbeen helemaal niet mogelijk was.)

Kamradt, Albert Alfred, Goschin (bij Danzig) 16-3-1903, Kleermaker / Smid
Gearresteerd: 23-4-1943
Overleden: Keulen 17-7-1944, doodstraf door onthoofding
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij vluchtte in 1934 naar Nederland. Hij voegde zich bij het KPD-verzet in Nederland en werd daarvoor in 1935 naar Dortmund gezonden om illegale verbindingen met KPD-groepen aldaar te leggen. Nadat dat tevergeefs bleek keerde hij terug naar Nederland, waarna hij voor de Internationale Rode Hulp Rijnschippers benaderde om illegale lectuur naar Duitsland te smokkelen. Tijdens de bezetting bleef hij ondergronds werk voor de IRH en de KPD verrichten. In 1942 werd hij ter assistentie van Willi Seng naar Duitsland gezonden en daar april 1943 gearresteerd. Hij werd ter dood veroordeeld en in 1944 onthoofd.

Een door de Gestapo in de gevangenis gemaakte foto van Alfons Kaps

Kaps, Alfons, Neustadt im Ober-Schlesien 3-4-1901, Kelner
Gearresteerd 12-1-1943
Overleden: Düsseldorf 1-3-1943, zelfmoord door ophanging in gevangenis
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij werd in 1933 leider van een illegale cel van de KPD in Wuppertal. Hij vluchtte in 1934 naar Nederland, waar hij door de Internationale Rode Hulp werd opgevangen. Vanaf 1937 werkte hij samen met Wilhelm Knöchel bij het samenstellen van illegale pamfletten en het tijdschrift ‘Frieden Freiheit Fortschritt‘, die onder Duitse vluchtelingen verspreid werden of door anderen naar Duitsland gesmokkeld werden. In januari 1941 keerde hij illegaal naar Düsseldorf terug. Na zware martelingen, waarbij hij de naam van Willi Seng prijs gaf, pleegde hij zelfmoord.

Kerver, Matthijs, Woerden 15-12-1900, Café-uitbater
Woonachtig: Thorbeckestraat 24 Rotterdam
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Havenarbeider. Communist. Lid C.P.H. afdeling Rotterdam (1932).
Gearresteerd: 12-11-1940 voor Sicherheitspolizei
Gevangenschap in: Haagsche Veer, Oranjehotel, Fühlsbuttel, Oranienburg, Brandenburg-Görden
Opmerkingen: Hij werd op 15-6-1940 opgesloten in het Huis van Bewaring in Rotterdam met als opgegeven reden: ‘verkoop foto’s Prinses Juliana? Communist!’. Hij werd op 5-12-1940 doorgestuurd naar Den Haag.

Kielen, Pieter, Haaften 4-11-1900, Schipper
Woonachtig: Statenweg 40 A, Rotterdam
Gearresteerd: 1938
Overleden: 31-8-42 Duisburg
Opmerkingen: Hij was voor de oorlog koerier naar Duitsland voor de Internationale Roode Hulp. Hij werd gearresteerd toen hij op een schip illegale lectuur de grens over smokkelde. Hij werd zwaar gemarteld: hij moest vrijwel naakt over rollen prikkeldraad klimmen. Hij werd tot drie jaar gevangenisstraf veroordeeld, die hij in een concentratiekamp bij Berlijn moest uitzitten. Hij moest na vrijlating Duitsland verlaten en mocht nooit meer het land binnen komen. Hij ging toch weer op een binnenschip varen en werd ziek en werd in Duisburg ziek en overleed vrij spoedig in een ziekenhuis, terwijl de Gestapo hem op zijn schip opnieuw probeerde te arresteren. Zijn zwakke gestel na het verblijf in het concentratiekamp is hem waarschijnlijk noodlottig geworden.

Knöchel, Wilhelm (Alfred), 8-11-1899 Offenbach am Main (Duitsland), Bankwerker
Gearresteerd: 30-1-1943
Overleden: Brandenburg 24-7-1944, doodstraf door onthoofding met guillotine
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij was in Duitsland lid van de KPD en was op het moment van de staatsgreep door Hitler in Moskou. Hij keerde in 1935 illegaal naar Duitsland terug om vanuit Hamburg aan het verzet bij te dragen. Later dat jaar vestigde hij zich in Nederland om vandaar uit verzet tegen Hitler te organiseren. Zijn schuilnaam was Alfred. In Amsterdam vormde hij tijdens de bezetting het contact tussen de Amsterdamse illegale CPN en het verzet door de gevluchte Duitse communisten. Hij keerde in januari 1942 illegaal terug naar Duitsland, waar hij in Berlijn aan het communistisch verzet bijdroeg. Via een koerier gaf hij stemmingsberichten en rapporten uit Duitsland door aan Daan Goulooze, die alle informatie per radio aan Moskou doorgaf. Hij werd ter dood veroordeeld en in het tuchthuis Brandenburg-Görden geëxecuteerd.

Köhler, Georg, Nijmegen 11-5-1911 ,Loodgieter
Woonachtig: Borgerstraat 270 III, Amsterdam
Gearresteerd: 13-4-1943
Gevangenschap in: Weteringschans, Oranjehotel, Vught, Münster
Overleden: Enschede 1-8-1945
Opmerkingen: Hij is na evacuatie uit Duits tuchthuis in ziekenhuis overleden.

Köhler-Du Mortier, Gijsbertina Adriana, Amsterdam 11-3-1914
Woonachtig: Borgerstraat 270 III       Amsterdam
Gearresteerd: 26-4-1943
Gevangenschap in: Oranjehotel, Vught

Kowalke, Alfred August Rudolf, Rummelsburg (bij Berlijn) 11-4-1907, Meubelmaker
Woonachtig: Eemsstraat 20 I, Amsterdam
Gearresteerd: 2-2-1942
Overleden: 6-3-1944, doodstraf, in tuchthuis Brandenburg-Görden met guillotine onthoofd
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij vluchtte in 1933 naar Praag, vanwaar hij deelnam aan het KPD-verzet. Hij keerde terug naar Duitsland om in de omgeving van Aken in nauwe samenwerking met Wilhelm Knöchel daar het KPD-verzet vorm te geven. Nog voor de oorlog vluchtte hij naar Amsterdam. Hij zat bij Cornelis (Kees) Harthoorn en Marietje IJzerman in huis. Eind 1941 of begin 1942 keerde hij illegaal terug naar Duitsland en ging in Berlijn illegale lectuur te vermenigvuldigen.

Kraak, August (kleine August, Dirk, Jampi), Fritzen (Duitsland) 26-1-1902, Zeeman
Opmerkingen: Hij vluchtte in 1934 naar Nederland. Zijn bijnaam “Kleine August” onderscheidde hem van August Levin; Dirk was zijn schuilnaam. Hij woonde voor de oorlog lange tijd bij de familie Sprietsma. Hij stond in contact met de KPD in Emden en organiseerde het vervoer van illegale lectuur (pamfletten) naar Duitsland. Hij vertrok in 1937 naar Spanje om tegen Franco te vechten. Na de nederlaag van de wettige regering vluchtte hij naar Frankrijk, waar hij geïnterneerd werd. Hij kon eind 1940 ontvluchten en wist Vichy-Frankrijk te bereiken. Daar werd hij gearresteerd, maar kon opnieuw vluchten, waarna hij zich bij het Franse communistische verzet aansloot. Hij overleed in 1947.

Kuik, Jan Cornelis van
Gearresteerd
Gevangenschap in: Fuhlsbüttel, Sachsenhausen, Lublin-Majdanek

Lambert, Ernst Davidovitch (Michael Avatin), Riga 13-3-1902
Verwantschap: Hij had een relatie met een Antwerpse scheepsstewardess.
Gearresteerd: 4-9-1942 in Frankrijk
Opmerkingen: Hij was Let van geboorte. Hij was in de jaren twintig zeeman op Britse en Nederlandse schepen en woonde toen in Antwerpen. Hij werd op 22-4-1931 door België uitgewezen. Hij bereidde de bomaanslag op het Japanse schip Kashi Maru voor (De Antwerpse dokwerker Louis Schockaert bracht in Antwerpen een bom aan boord). Hij kreeg in 1931 van Ernst Wollweber de leiding in de Baltische staten over de Internationale Zeeliedenhulp. Hij kwam in 1938 in Amsterdam wonen en kreeg de leiding over de Belgische en Nederlandse Wollweber-groepen. Lambert vertrok in 1939 naar België.

Lazina, Traugott, Hussenitz (Bohemen, Duitsland nu Tsjechië) 31-7-1911, Kelner
Woonachtig: 2e Weteringdwarsstraat 48 III, Amsterdam
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij werkte voor de Duitse spoorwegen in de restauratiewagen van treinen van Amsterdam naar Duitsland en kon mensen naar Duitsland smokkelen door ze als werknemer op de restauratiewagen te doen voorkomen. De KPD in Amsterdam regelde daarvoor makkelijk te vervalsen documenten. Verder bracht hij berichten tussen Nederland en Duitsland over.
Hij werd omstreeks 1942 als dienstplichtige voor de Wehrmacht opgeroepen en in Sicilië gelegerd. In januari 1943 was hij met verlof in Amsterdam. Bij zijn terugkeer op Sicilië werd hij gearresteerd, wat een uitvloeisel was van de arrestatieactie in Duitsland tegen de groep rondom Wilhelm Knöchel. Tijdens de lange treinreis naar Berlijn richtten zijn bewaker een drinkgelag aan, ze werden loslippig, waardoor Lazina begreep dat zijn leven op spel stond. In Noord-Italië kon hij op een moment dat de trein langzaam reed eruit springen en zijn stomdronken bewakers achterlaten. Hij kon de Zwitserse grens bereiken en liet zich als gedeserteerde Duitse soldaat interneren.

Lemaire, Johannes Jacobus Adam (Jan jr.), Amsterdam 19-11-1906, Acteur, toneelregisseur
Woonachtig: Oosteinde 26, Amsterdam
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Toneelspeler. Communist. A.F.T.B. Voordrachtskunstenaar tijdens landdag C.P.N. Leiding Theatergroep 1935. Artistiek leider Centrale voor Volkscultuur. Declameert op vergaderingen. Bestuur C.V.V. (1939).
Verwantschap: Hij was de zoon van Johannes Joseph Petrus Lemaire en gehuwd met Elisbeth Jacoba de Nijs die schoonzuster van Theodorus Fleeré was.
Gearresteerd: 7-10-1941
Gevangenschap: Havenstraat Amsterdam, Amersfoort, Sachsenhausen
Hij stond op de lijst van de Centrale Inlichtingendienst met de opmerking: A.F.T.B. Voordrachtskunstenaar tijdens landdag C.P.N. Leiding Theatergroep 1935. Artistiek leider Centrale voor Volkscultuur. Declameert op vergaderingen. Bestuur C.V.V.
Opmerkingen: Hij speelde in de films Menschenwee en Bleeke Bet. Hij maakte vanaf 1932 tot 1940 deel uit van het toneelgezelschap De Jonge Spelers, dat zich richtte op linkse arbeiders. Het gezelschap werd opgeheven, omdat het weigerde zich in te schrijven bij de Kultuurkamer. Hij werkte voor De Waarheid. Vlak voor de bevrijding werd hij op een zogenoemde dodenmars gezet, maar overleefde dat. Na bevrijding moest hij grotendeels naar huis lopen. Na de oorlog publiceerde hij het boek ‘Mannen in zebra‘ dat over zijn gevangenschap gaat.

Lemaire, Johannes Joseph Petrus (Jan sr.), Amsterdam 11-3-1884, Acteur
Woonachtig: Berensteinscheweg 106, Hilversum
Verwantschap: Hij was de vader van Johannes Jacobus Adam Lemaire

Levy, Ernst Baruch, Hamburg 7-3-1914, Kantoorbediende
Woonachtig: Nieuwe Prinsengracht 30, Amsterdam
Gearresteerd: 4-8-1942
Gevangenschap: Oranjehotel, Vught, Westerbork, Auschwitz
Overleden: Auschwitz 31-3-1944
Opmerkingen: Hij was van Joodse afkomst. Hij had de Duitse nationaliteit. Hij werd in 1933 in Hamburg gearresteerd vanwege communistische activiteiten. Na twee manden gevangenschap werd hij vrijgelaten en vluchtte hij via Zweden en Finland naar Nederland.

Levy-Przyrowski, Frieda Bela (Bella), Amsterdam 21-10-1922, Ateliernaaister
Woonachtig: Nieuwe Prinsengracht 30, Amsterdam
Gearresteerd: 4-8-1942, op 19-7-1943 uit Westerbork gevlucht
Gevangenschap: Oranjehotel, Vught, Westerbork
Opmerkingen: Zij was van Joodse afkomst.

Ligtvoet, Hendrik

Lilienthal, Ruth, Hamburg 22-4-1909
Opmerkingen: Zij had de Duitse nationaliteit. Zij vluchtte in 1934 naar Nederland. Zij smokkelde regelmatig illegale lectuur naar Duitsland.

Löwenberg, Martin
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit.

Luteraan, Johannes (Hans, Karel), Amsterdam 10-8-1915, Kantoorbediende
Woonachtig: Meerhuizenstraat 13 A II, Amsterdam
Gearresteerd: 18-8-1942
Gevangenschap in: Saint-Gilles gevangenis Brussel, Fort Breendonk, Sonnenburg, Sachsenhausen
Opmerkingen: Hij werd door Johann Wenzel opgeleid tot marconist en volgde John Nagel op als een van de ‘pianisten’ van het ‘Rode orkest’. Zijn schuilnaam was Velo. Na een conflict verving Johann Wenzel hem door Johannes Luteraan. Hij werd tot 20 jaar gevangenisstraf veroordeeld.

Makurat, Georg Jozef, Danzig 13-3-1910, Zeeman
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit en verliet in 1935 in Rotterdam zijn schip om in Nederland onder te duiken. Een arrestatiepoging in 1935 door de Rotterdamse politie mislukte. Hij was voor de oorlog betrokken bij de smokkel naar Duitsland van daar verboden lectuur. Hij werd door de Amsterdamse politie gearresteerd en op Vlieland geïnterneerd en vervolgens in mei 1940 aan de Duitse bezetter uitgeleverd.

Mark, Hermanus

Meyer, Heini
Woonachtig: Edisonstraat 78 ^I (Valkenboskwartier), Den Haag
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij was een Komintern-agent die zich voordeed als een gewone Duitse emigrant. Toen de OMS, de afdeling van de Komintern die voor de internationale verbindingen van de agenten zorgde, in 1933 van Berlijn naar Amsterdam verhuisde, werd Meyer tot 1937 verantwoordelijk voor het radioverkeer. Meyer verbleef voor de oorlog bij Hendricus Tettero in Den Haag in huis. Tijdens de oorlog speelde hij een belangrijke rol bij het verzet door Duitse vluchtelingen in Nederland en ondersteuning van het KPD-verzet in Duitsland. Aan het einde van de oorlog, toen Tettero al jaren in een concentratiekamp verbleef, zat hij met diens vrouw ondergedoken op het landgoed De Wolberg bij Epe.

Minks, Abraham, Amsterdam 29-3-1908, Winkelbediende
Woonachtig: Hoofdweg 467, Amsterdam
Gearresteerd: 27-4-1943
Gevangenschap in: Oranjehotel, Vught, Düsseldorf, Hamm, Remscheid

Minks-Drews, Wilhelmina Alwine, Essen (Duitsland) 9-1-1910
Woonachtig: Hoofdweg 467, Amsterdam
Gearresteerd: 27-4-1943
Gevangenschap in: Oranjehotel, Vught, Düsseldorf, Anrath, Hamm, Oberems

Muschke (Anton Bakker), Ewald, Berlijn (Duitsland) 20-3-1901
Opmerkingen: Na zijn tijd bij de Internationale Brigade in Spanje vestigde hij zich illegaal in Nederland en voegde zich bij het communistische emigrantenverzet.

Nagel, John
Opmerkingen: Hij werd door Johann Wenzel opgeleid tot marconist en was vervolgens een van de ‘pianisten’ van het ‘Rode orkest’. Na een conflict verving Johann Wenzel hem door Johannes Luteraan.

Oort, Elisabeth Catharina van, Delft 22-2-1898
Woonachtig: Stuurmansstraat 31, Rotterdam
Verwantschap: Zij is in januari 1938 gescheiden van Leendert van den Hoonaard, die een maand later als Spanjestrijder sneuvelde.
Gearresteerd: 11-3-1943
Gevangenschap: Haagsche Veer, Vught, Utrecht, Kleef
Opmerkingen: De politie of Sicherheitsdienst kwam haar vermoedelijk op het spoor bij hun actie tegen de Nederlandse Volksmilitie. Zij werd op 9-6-1943 naar Vught overgebracht.

Oppenborn-Zandstra, Menke (Minna), 16-2-1887
Woonachtig: Emden (Duitsland)
Verwantschap: Zij was een tante van Hendrik Zandstra
Opmerkingen: Zij was een tussenstation voor illegale pamfletten en brieven die haar neef Hendrik Zandstra vanuit Delfzijl bracht. Zij overleed op 19-7-1936.

Osch, Dirk Wilhelmus van, Amsterdam 9-8-1908, Etaleur
Woonachtig: Breitnerstraat 33, Dordrecht
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Etaleur. Communist. Lid C.P.H. afdeling Rotterdam (1932). Kandidaat Tweede Kamer voor de C.P.N. (1933). Districtsbestuur C.P.N. (1934). Partijcongres C.P.N. (1935). Aangehouden op verdenking van opruiing (Rotterdam 1937).
Gearresteerd: 5-9-1940
Gevangenschap in: Haagsche Veer, Hamburg, Oranjehotel, Neuengamme
Overleden: Neuengamme 21-6-1942
Opmerkingen: Op zijn arrestatiekaart van de Rotterdamse politie staat: ‘Communistische agitatie?’.

Pier, Jacobus Johannes (Ko), Amsterdam 30-6-1896
Woonachtig: Pieter van der Doesstraat 58 II Amsterdam
Gearresteerd: Voor 9-1943
Gevangenschap in: Vught

Pier-Klaassen, Cornelia, Amsterdam 18-8-1905
Woonachtig: Pieter van der Doesstraat 58 II Amsterdam
Gearresteerd: 26-4-1943
Gevangenschap in: Oranjehotel

Pieters, Wilhelm, Duisburg (Duitsland) 21-4-1912. Matroos grote vaart
Woonachtig: Heer Gillesstraat 118, Rotterdam
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Communist. Heeft in Spanje gevochten.
Gearresteerd: 24-7-1940
Gevangenschap in: Haagsche Veer, Amersfoort, Hamburg, Oranienburg, Ravensbrück, Berlijn-Lichtenfelden
Opmerkingen: Hij kwam in 1934 vanuit Borgerhout in België in Rotterdam wonen. Hij was als vrijwilliger in de Spaanse burgeroorlog en had daardoor zijn Nederlanderschap verloren. Aan het eind van de oorlog werd het kamp ontruimd en ging hij op een dodenmars van twee weken, waarna hij bevrijd werd bij Schwerin.

Pooters, Petrus Antonius Martinus (Pam), Amsterdam 28 augustus 1911, Journalist, woningopzichter
Woonachtig: Holendrechtstraat 47 I, Amsterdam
Gearresteerd: 6-8-1943
Overleden: Overveen 1 oktober 1943, gefusilleerd
Opmerkingen: Hij kon door het Haagse Sichertheitsdienst Kommando Munt gearresteerd worden, doordat de Haagse Sicherheitsdienst kans had gezien om via chantage de vrijgelaten Joodse arrestant Jacob Lion Mendels bij de Amsterdamse CPN te laten infiltreren.

Portegies Zwart, Lambertus (Ben), 13-6-1916 Amsterdam, Calculator Scheepsbouw
Woonachtig: Gloriantstraat 5, Amsterdam
Opmerkingen: Hij was aanwezig bij de vergadering op 15 mei 1940 in Parlando in Amsterdam waar besloten werd tot de omvorming van de CPN in een ondergrondse verzetsorganisatie. Hij bediende tijdens de oorlog een van de geheime zenders naar Moskou van Daan Goulooze. Hij verhuisde na de oorlog naar Kaapstad in Zuid-Afrika, maar keerde na 3 maanden alweer terug.

Postma (Gerritsen), Jan, Amsterdam 18-2-1895, Retoucheur
Woonachtig: Waalstraat 182 II, Amsterdam
Gearresteerd: 13-11-1943
Gevangenschap: Weteringschans, Vught, Amersfoort, Wolvenplein Utrecht
Overleden: Vught 23-7-1944 Gefusilleerd

Proosdij, Johannes August (Guus), 27-8-1911 Gladbeck (Duitsland), Electricien
Woonachtig: Pieter van der Doesstraat 5 III, Amsterdam
Gearresteerd: ?-5-1943 in Berlijn
Gevangenschap: Vught
Opmerkingen: Hij heeft voor de oorlog in Den Haag gewoond. Hij was in 1937 de eerste marconist van Daan Goulooze. Hij bouwde voor Daan Goulooze een aantal geheime zenders voor het radioverkeer met Moskou. Hij vertrok op 2-12-1942 als tewerkgestelde naar Berlijn. Hij werd daar gearresteerd. In 1944 zat hij in Vught gevangen en werd vandaar voor berechting naar Utrecht overgebracht (het is mij onbekend of hij vanuit Berlijn in Vught kwam of dat er sprake van een tweede arrestatie was).

Proost (Jansen), Johannes (Jan), Geervliet 27-2-1882, Kunstschilder
Woonachtig: Boompjes 84 A, Rotterdam
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Kunstschilder. Communist. Is de bekende ‘Jansen’ die als vertegenwoordiger Nederland lang in Moskou is geweest (1923). Delegatie naar EKKI (1925). Lijst revolutionairen (1924 en 1925). Verdedigde in 1925 in Rusland de positie van Wijnkoop. C.P.H.C.C. Medewerker J.R. Schaap; waarschijnlijk lid scheepssabotagegroep. Lid C.P.H. afdeling Rotterdam (1932). (deze vermelding betekende zijn doodvonnis).
Gearresteerd: 10-5-1940
Gevangenschap in: Ooltgensplaat, Fuhlsbüttel, Sachsenhausen
Overleden: 26-3-1942 Sachsenhausen
Opmerkingen: Hij werd op 3-5-1940 in opdracht van minister van Justitie Gerbrandy gearresteerd en in Fort Prins Hendrik op Ooltgensplaat opgesloten. Bij de Duitse inval werd hij met terugtrekkende Nederlandse troepen naar Calais meegevoerd en daar aan de Duitsers uitgeleverd, terwijl bekend was dat dat zijn dood zou betekenen.

Ras-Van den Hoonaard, Huibertje Geertruida (Bep), Rotterdam 12-1-1920, Dienstbode
Woonachtig: Stuurmanstraat 13, Rotterdam
Gearresteerd: 11-3-1943
Gevangenschap: Haagsche Veer, Vught, Utrecht, Kleef

Rentmeister, Maria, Sterkrade (bij Oberhausen, Duitsland) 27-1-1905
Verwantschap: Zij was de partner van Wilhelm Beuttel
Woonachtig: Roggeveenstraat 6, Amsterdam
Gearresteerd: juli 1940
Gevangenschap in: Hamm, Anrath
Opmerkingen: Zij had de Duitse nationaliteit. Zij vluchtte in 1934 naar Parijs en vestigde zich in 1936 in Nederland. Zij werd in juli 1940 met hulp van de Nederlandse overheid door de Sicherheitsdienst gearresteerd tijdens een actie tegen naar Nederland gevluchte Duitse communisten; zij werd op 12 juli 1940 uit het bevolkingsregister naar Duitsland afgeschreven.

Ridder (Richard), Wouter de, Gorinchem 1-1-1904, Havenarbeider
Woonachtig: Hilledijk 177 B Rotterdam

Rueb, Cornelis Hendrikus, Vrijhoeve Capelle 4-9-1898, Proviandvaarder
Woonachtig: Oranjeboomstraat 282 B, Rotterdam
Gearresteerd: 25-6-1941
Gevangenschap in: Schoorl, Amersfoort, Neuengamme
Overleden: 22-4-1942 Neuengamme
Opmerkingen: Hij stond vermeld op de lijst van de Centrale Inlichtingendienst. Hij werd gearresteerd naar aanleiding van de Duitse inval in de Sovjet Unie.

Ruighaver, Bouwen, Spijkenisse 4-3-1904, Varensgezel
Woonachtig: Zinkerweg 19 B, Rotterdam
Gearresteerd: 16-6-1940 voor Geheime Feldpolizei
Gevangenschap in: Haagsche Veer, Amersfoort, Hamburg, Brandenburg
Overleden: 7-12-1942 Brandenburg (volgens meestal valse Duitse opgave Herzmuskelschwäche)
Opmerkingen: Hij heeft tot augustus 1933 in Duisburg gewoond. Hij werd op 16-6-1940 opgesloten in het Huis van Bewaring in Rotterdam met als vastgelegde reden: ‘anti-nazi-propaganda?’ Op 19-7-1940 naar Amsterdam overgebracht, op 25-10-1940 in arrest in Hamburg.

Ruiter, Jochem, Veenendaal 8-4-1901, Leidekker
Woonachtig: Oleanderstraat 37 B, Rotterdam
Verwantschap: Hij was een broer van Peter Ruiter
Opmerkingen: Hij heeft tot juni 1933 in Duisburg gewoond.

Ruiter, Pieter, Veenendaal 5-7-1899, Leidekker
Woonachtig: Zinkerweg 54 B, Rotterdam
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Sectiebestuur C.P.N. (1938).
Verwantschap: Hij was een broer van Jochem Ruiter
Gearresteerd: 23-8-1940
Gevangenschap in: Haagsche Veer, Amersfoort, Hamburg, Brandenburg-Görden, Berlin-Plötzensee, Berlin-Moabit
Opmerkingen: Hij heeft tot juni 1933 in Duisburg gewoond. Hij werd op 29-9-1940 naar Hamburg overgebracht. Hij werd wegens ‘Vorbereitung Hochverrat’ tot 13 maanden gevangenisstraf veroordeeld. Zijn verdere lot is onbekend.

Schaap, Joseph Rimbertus (Joop), Amsterdam 3-5-1899, Varensgezel, spoorwegarbeider
Woonachtig: 1e Jan Steenstraat 134 I Rotterdam / 1e Kostverlorenkade 17 II Amsterdam
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Communist. Partijbestuur C.P.H. (1928). Leider internationaal havenbureau (Internationale Zeelieden Club) te Rotterdam na Dekker (1928). Leider sectie IV van C.P.H. (1926). Penningmeester communistische propaganda fractie afdeling transportarbeiders. Bestuurder R.V.O. Niet meer op de voorgrond in 1938. Leider scheepssabotagegroep. Veel in Antwerpen. Lijst links-extremistische personen (1939). Rotterdam (1932). Secretaris van de R.V.O.-Scheepvaart (1932). Lid C.P.H. afdeling Rotterdam. Kandidaat verkiezing Tweede Kamer voor de C.P.H. (1928). (de vermelding van de scheepssabotageploeg betekende zijn doodvonnis).
Verwantschap: Hij had een relatie met Helena Seegers-Budde.
Gearresteerd: 1-8-1940 in Kopenhagen
Gevangenschap in: Fuhlsbüttel, Berlijn
Overleden: Berlijn Plötzensee 30-7-1943, doodstraf door onthoofding met handbijl.
Opmerkingen: Hij was in de jaren 1935-36 voor de CPN lid van de Rotterdamse gemeenteraad. In de jaren dertig was hij de voorzitter van de Internationale Zeeliedenclub, een verenigingsgebouw van de ISH (Internationale Zeelieden Hulp) in Rotterdam. Hij bouwde een smokkelorganisatie via binnenvaartschippers voor communistische propaganda naar Duitsland op en werkte daarbij nauw samen met Ernst Wollweber. Wollweber logeerde zelfs zo nu en dan bij hem en Helena Seegers. Na het uitbreken van de Spaanse burgeroorlog gaf hij uitvoering aan de plannen van Wollweber om de Duitse en Italiaanse wapentransporten naar de troepen van de fascistische staatsgreeppleger generaal Franco te saboteren. Schaap pleegde niet alleen aanslagen door bommen te plaatsen aan boord van uit Rotterdam vertrekkende schepen, maar ook vanuit de Antwerpse haven. In 1937 lukte hem om het vanuit Antwerpen vertrokken Italiaanse schip Bocaccio tot zinken te brengen en in 1938 het Japanse schip Kasij Maru.
Eind 1938 vertrok hij naar Finland om daar leiding aan een scheepssabotageploeg aldaar te geven, maar keerde nog voor de oorlog in Nederland terug.
In mei 1940 arresteerde de Nederlandse regering naast 18 NSB’ers ook 3 communisten en leverde de communisten aan de Duitsers uit in de wetenschap dat ze de doodstraf zouden krijgen. Een van de communisten, Adriaan Feij, werd bang en probeerde zijn hachje te redden en liep naar de Duitsers over. Hij verraadde veel medewerkers van Schaap. De meesten van hen zijn om het leven gekomen. Schaap zelf kon hierdoor op 1 augustus 1940 in Kopenhagen, waar ook een scheepssabotagegroep actief was, gearresteerd worden. De activiteiten van de groep van Schaap, waarvoor de opdrachten uiteindelijk uit Moskou kwamen, werden als zijnde in strijd met het niet aanvalspact van september 1939 door Hitler als belangrijkste argument gebruikt voor de aanval op 22 juni 1941 op de Sovjet Unie. Dit was overigens onzin, want de groep Wollweber had zijn activiteiten al in augustus 1939 gestaakt.

Schaik, Bertus van, Rotterdam 27-8-1912, Havenarbeider
Woonachtig: Polderstraat 64 A Rotterdam
Verwantschap: Hij was de broer van Jan Cornelis van Schaik

Schaik, Jan Cornelis van, Rotterdam 24-6-1908, Spekslager
Woonachtig: Mecklenburgplein 4A (Loosduinen) Den Haag
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Slager. Communist. Poogde afdeling Rotterdam van de scheepssabotagegroep van J.R. Schaap te stichten (1938). (deze vermelding betekende zijn doodvonnis).
Gearresteerd: 3-10-1940
Gevangenschap in: Oranjehotel, Fühlsbuttel, Berlin, Dachau, Berlin-Plötzensee
Overleden: 7-9-1942 Berlin-Plötzensee
Opmerkingen: Hij werd gearresteerd door verraad door V-Vrouw Lina Hartman.

Schmidt, Heinrich (Hein, Henk), Styrum (Duitsland) 6-2-1908, Meubelmaker
Woonachtig: Sirtemastraat 12 (Centrum), Den Haag
Gearresteerd: 1936 (in Düsseldorf)
Gevangenschap: Sachsenhausen, Mauthausen
Opmerkingen: Hij vluchtte in mei 1933 naar Nederland. Hij keerde na de oorlog naar Nederland terug.

Scholzen, Peter Paul, Hamborn (bij Duisburg, Duitsland) 25-5-1899, Bankwerker
Woonachtig: Heemraadsingel 375 B, Rotterdam / Wetter an der Ruhr (Duitsland)
Gevangenschap: Neuengamme
Overleden: Neuengamme 6-10-1942
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij sloot in 1932 in Rotterdam een huwelijk met een in Rotterdam wonende Duitse vrouw, maar de gemeente weigerde hem als inwoner in te schrijven, omdat hij op dat moment werkloos was. Hij bouwde een organisatie op van binnenvaartschippers die illegale lectuur naar Duitsland smokkelden. In de overlijdensverklaring uit Neuengamme staat dat hij woonde in het Duitse Wetter an der Ruhr, dat kan betekenen dat hij voor of tijdens de oorlog naar Duitsland terug is gekeerd, maar ook dat hij het adres van een naast familielid als correspondentieadres had opgegeven.

Scholzen-Wesolowski, Emma Johanna, Wetter (Duitsland) 5-8 1893, Dienstbode
Woonachtig: Heemraadsingel 375 B, Rotterdam / Wetter an der Ruhr (Duitsland)
Verwantschap: Zij was gehuwd met Peter Paul Scholzen

Schoonheijt, Fernanda (Fanny) Wilhelmina Maria Albertina, Rotterdam 5-6-1912
Woonachtig: Saftlevenstraat 14 B, Rotterdam
Opmerkingen: Ze is de enige Nederlandse vrouw die in de Spaanse burgeroorlog gevochten heeft (anderen gingen er alleen heen met medische taken). Ze verloor het Nederlanderschap en strandde na de burgeroorlog in Parijs zonder mogelijkheid naar Nederland terug te keren. Ze vestigde zich vervolgens in de Dominicaanse Republiek. Ze kreeg problemen met het repressieve regime en belandde in de gevangenis. Ze mocht zich vervolgens vestigen op Curaçao. In 1957 kon ze weer naar Nederland terugkeren.

Schwebinghaus, Eugen (Kurt), Ronsdorf (bij Wuppertal in Duitsland) 4-1-1906, Meubelmaker
Gearresteerd: 23-4-1943
Overleden: Bruchsal 24-8-1944, doodstraf
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij verrichtte tot 1935 illegaal werk in Duitsland, waarna hij zich gedwongen voelde naar Moskou te vluchten. Hij ging vervolgens als vrijwilliger in de Internationale Brigade in de Spaanse burgeroorlog vechten. Daarna kwam hij in naar Nederland, waar hij in 1940 de leiding over de KPD in Amsterdam kreeg. Zijn schuilnaam was Kurt. Hij werkte samen met Erich Fritz Gentsch aan het illegale blad Roten Fahne. Doordat Wilhelm Knöchel na zijn arrestatie na zware martelingen doorsloeg kon hij in april 1943 gearresteerd worden. Hij werd ter dood veroordeeld en in de gevangenis van Bruchsal terechtgesteld.

Seegers, Leendert Jacobus (Leen), Amsterdam 20-11-1914, Chauffeur
Woonachtig: 1e Kostverlorenkade 17 II Amsterdam
Verwantschap: Hij was de zoon van Helena Seegers-Budde
Gearresteerd: 9-10-1940
Gevangenschap in: Weteringschans, Fuhlsbüttel, Neuengamme, Berlijn, Sachsenhausen, Lublin
Overleden: 29-3-1944 Lublin ten gevolge van een medische proef in Neuengamme met besmetting met tbc.
Opmerkingen: Hij was de zoon van het gelijknamige prominente communistische Amsterdamse Gemeenteraadslid. Hij werd in 1934 tot een half jaar gevangenisstraf veroordeeld vanwege deelname aan een demonstratie. Het als oorlogsslachtoffer overlijden van Seegers is minstens zestig jaar bekend bij de Oorlogsgravenstichting, desondanks weigeren ze hem in hun register op te nemen.

Seegers-Budde, Helena Margaretha, Amsterdam 28-12-1892
Woonachtig: 1e Kostverlorenkade 17 II Amsterdam
Verwantschap: Zij was de moeder van Leendert Jacobus Seegers, nadat haar echtgenoot Leendert Seegers vertrokken was had zij een relatie met Joseph Rimbertus Schaap
Gearresteerd: 9-10-1940
Gevangenschap in: Weteringschans, Fuhlsbüttel
Overleden: 16-10-1940 Hamburg
Opmerkingen: Zij was gescheiden van het bekende Amsterdamse Gemeenteraadslid Leendert Jacobus Seegers. Ernst Wollweber logeerde zo nu en dan bij haar, als hij in Amsterdam moest zijn. Zij pleegde zelfmoord na zware martelingen.

Seng, Willi, Berlijn 11-2-1909, Kleermaker / Meubelmaker
Woonachtig: Govert Flinckstraat 265, Amsterdam
Gearresteerd: Keulen 20-1-1943
Overleden: 27-7-1944, doodstraf door onthoofding
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. In 1930 werd hij lid van de Duitse tak van de Internationale Rode Hulp en in 1932 van de KPD. In 1933 zat hij enige maanden in het concentratiekamp Oranienburg gevangen. Hij vluchtte in 1935 naar Nederland, ging vervolgens naar Moskou en keerde later naar Nederland terug. Hij werkte samen met Wilhelm Knöchel en die zond hem terug naar Duitsland om daar een illegale organisatie op te bouwen. Voorjaar 1941 keerde hij met hulp van Piet Jansma via een illegale grensovergang op het vliegveld Venlo naar Duitsland terug. Hij werd in januari 1943 gearresteerd doordat de gearresteerde Alfons Kaps de martelingen niet kon doorstaan en zijn verblijfplaats prijs gaf. Seng werd gemarteld, ter dood veroordeeld en in 1944 in Keulen geëxecuteerd.

Smit, Bonno Kornelis Tjapke, Appingedam 15-8-1890, Havenarbeider
Verwantschap: Hij was een neef van Henderikus Johannes Zandstra
Gearresteerd: 10-11-1941, vrijgelaten eind 1944
Gevangenschap: Hamm
Bijzonderheden: Jij werd op 17 maart 1942 in Hamm tot twee jaar gevangenisstraf veroordeeld.
Opmerkingen: Hij smokkelde voor het Duits communistisch verzet in Nederland gedrukte anti-Hitler pamfletten per schip van Delfzijl naar Emden.

Stahl
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Hij was de verbindingspersoon tussen de CPN en het verzet door Duitse communistische emigranten in Amsterdam.

Staub, Karl, timmerman
Woonachtig: Godfried-Bueren-Straße 23, Emden
Verwantschap: Hij was gehuwd met Aaltje Staub
Gearresteerd: 12-8-1937
Gevangenschap: Emden
Overleden: 14-9-1937 (in gevangenis vermoord)
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Lid van de KPD en de Roten Hilfe.

Staub-Oppenborn, Aaltje Tjabendina, Emden 17-12-1892
Woonachtig: Godfried-Bueren-Straße 23, Emden
Verwantschap: Zij was gehuwd met Karl Staub
Gearresteerd: 10-9-1937
Gevangenschap: Emden, Vechta, Essen, Hamm, Lübeck-Lauerhof, Ravensbrück
Opmerkingen: Zij had de Duitse nationaliteit. Lid van de KPD en de Roten Hilfe. Na haar arrestatie werd zij na enkele weken vrijgelaten en zes weken later opnieuw gearresteerd. Zij werd op 1-10-1938 in Hamm tot vier jaar tuchthuis veroordeeld, na het uitzitten van de straf werd ze naar het concentratiekamp Ravensbrück overgebracht.

Tettelaar, Arij, Schiedam 23-4-1900, Adjunct commies bij de gemeente
Woonachtig: Krielerf 8, Rotterdam
Gearresteerd: 4-10-1940 voor Sicherheitspolizei
Gevangenschap in: Haagsche Veer, Oranjehotel, Amersfoort, Fühlsbuttel, Oranienburg
Opmerkingen: Hij werd op 10-10-1940 doorgestuurd naar Den Haag.

Tettelaar, Pieter, Schiedam 18-8-1894, Havencontroleur

Tiemeijer, Hendrik Andries Johannes (Hans), Den Haag 28-1-1908, Toneelspeler
Woonachtig: Jacob Catsstraat 56, Voorburg / Scheldestraat 12 III, Amsterdam
Gearresteerd: 2-7-1943 door Lange (Sicherheitsdienst)
Gevangenschap in: Oranjehotel, Amersfoort, Vught, Dachau
Opmerkingen: Voor de oorlog ving hij communistische Duitse vluchtelingen of koeriers bij de grens op en begeleidde ze naar veilige adressen. Hij had in Amsterdamse een geheime zender (een reservezender van Daan Goulooze) in huis. Hij werd mishandeld door Lange: met gebalde vuist in gezicht geslagen, met laarzen in onderlijf geschopt. Zijn vrouw mocht hem niet in het Oranjehotel bezoeken, want dat had volgens de Sicherheitsdienst geen zin aangezien ze hem toch nooit meer zou terugzien. Hij zat in Vught een poos in de strafcompagnie. Hij schreef over zijn vaak levensgevaarlijke ervaringen een boek getiteld: ‘Spelen met je leven‘.

Timmerman-Schaddelee, Jannigje Johanna (Jenny), Werkendam 8-7-1907, Verpleegster
Woonachtig: Maretakstraat 38 B, Rotterdam.
Verwantschap: Zij was de zuster van het Haagse Gemeenteraadslid Jan Schaddelee.
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Communiste. Haar man sneuvelde in Spanje. Was daar zelf verpleegster (1937-1938).
Gearresteerd: 7-1-1943 voor Sicherheitspolizei
Gevangenschap: Haagsche Veer, Vught
Opmerkingen: Tijdens de Spaanse burgeroorlog ging ze als verpleegster naar Spanje. Haar echtgenoot sneuvelde in Spanje aan het Aragon-front. Ze verloor het Nederlanderschap omdat haar echtgenoot het Nederlanderschap verloor. Tijdens de oorlog was ze betrokken bij het communistisch verzet in Rotterdam. Zij zat ondergedoken bij het echtpaar Arie Bossers en Elisabeth Quist. Zij heeft een belangrijke rol gespeeld bij de opbouw van de Nederlandse Volksmilitie. Zij werd gearresteerd in het kader van een actie tegen de Nederlandse Volksmilitie. Zij werd op 9-6-1943 overgebracht naar Vught.

Treurniet, Arie, Den Haag 22-5-1903, Stuurman grote vaart
Woonachtig: Rivierenlaan 264 II AmsterdamGearresteerd: 1940
Gevangenschap: Berlin-Moabit, Brandenburg-Görden, Buchenwald

Ulsen, Willem Frederik Nicolaas van, Amsterdam 14-8-1880, Stempelmaker
Woonachtig: Weesperstraat 52 Diemen
Gearresteerd: 14-7-1943
Gevangenschap: Oranjehotel, Vught, Sachsenhausen, Bergen Belsen
Overleden: Bergen Belsen op onbekende datum in 1945

Valenkamp, Harmanus, 4-1-1911 Amsterdam, Kantoorbediende
Woonachtig: Orteliusstraat 4, Amsterdam
Verwantschap: Hij was gehuwd met Elisabeth Klaassen
Gearresteerd: 23-4-1943 in Amsterdam door Lange en Grunert van de Haagse Sicherheitsdienst
Gevangenschap: Oranjehotel, Vught, Nürnberg, Hamm, Düsseldorf, Würzburg, Hameln
Bijzonderheden: Hij werd door de Haagse Sicherheitsdienst gearresteerd, omdat die vermoedde dat de leider van het Haagse communistisch verzet ‘Piet’ bij hem ondergedoken zat. Valenkamp had onderduikgelegenheid geboden aan een Duitse emigrant, maar die kon tijdig ontkomen. Bij verhoren dreigde Lange zijn zoontje naar Duitsland te sturen. Valenkamp werd bij een proces in Duitsland wegens voorbereiding van hoogverraad veroordeeld.

Valenkamp-Klaassen, Elisabeth Geertruida, 11-2-1912
Woonachtig: Orteliusstraat 4, Amsterdam
Verwantschap: Zij was gehuwd met Hermanus Valenkamp
Gearresteerd: 23-4-1943 in Amsterdam door Lange en Grunert van de Haagse Sicherheitsdienst
Gevangenschap: Oranjehotel, Vught, Deggendorf, Anrath, Hameln
Bijzonderheden: Zij werd door de Haagse Sicherheitsdienst gearresteerd, omdat die vermoedde dat de leider van het Haagse communistisch verzet ‘Piet’ bij haar ondergedoken zat. Zij werd bij een proces in Duitsland wegens hoogverraad veroordeeld.

Vogelzang, Roelof (Rudi), Beetsterzwaag 28-3-1894, Havenarbeider
Woonachtig: Lavendelstraat 17 A, Rotterdam
Verwantschap: Hij was een broer van Meindert Vogelzang
Gearresteerd: 3-10-1940 voor Sicherheitspolizei
Gevangenschap in: Haagsche Veer, Oranjehotel, Fuhlsbüttel, Sachsenhausen, Groß-Rosen
Overleden: Groß-Rosen 30-3-1942
Opmerkingen: Hij heeft lange tijd in Duitsland gewoond. Hij plaatste een pakje met springstof aan bood van het Japanse schip Tajima Maru, de latere ontploffing bracht slechts lichte schade. Gearresteerd door verraad door Adriaan Feij en in het huis van bewaring in Rotterdam opgesloten. Hij werd op 10-10-1940 naar het Oranjehotel overgebracht.

Vögler, Willem Johannes, Amsterdam 3-9-1908, Musicus
Woonachtig; Vespuccistraat 25 III, Amsterdam
Gearresteerd: 18-8-1942
Gevangenschap in: Saint-Gilles gevangenis Brussel, Fort Breendonk, Berlijn
Overleden: Berlijn Plötzensee 28-7-1943, vermoedelijk onthoofd
Opmerkingen: Hij stond vermeld op de lijst van de Centrale Inlichtingendienst. Hij werkte als tweede marconist onder Anton Winterink.

Vreeswijk, Willem van, Rotterdam 12-3-1906, Varensgezel
Woonachtig: Vijverhofstraat 117 A, Rotterdam
Gearresteerd: 3-10-1940 voor Sicherheitspolizei
Gevangenschap in: Haagsche Veer, Oranjehotel, Fühlsbuttel, Hamburg, Oranienburg, Berlin Plötzensee
Overleden: Berlijn Plötzensee 7-9-1943 doodstraf door onthoofding of opgehangen aan een vleeshaak
Bijzonderheden: hij werd ter dood veroordeeld, welk vonnis met de handbijl ten uitvoer moest worden gebracht.
Opmerkingen: Hij voer aan boord van het schip Westplein regelmatig van Narvi en Lulea naar Rotterdam. Hij werd gearresteerd in het Gemeenteziekenhuis aan de Bergweg, waar hij vanwege reuma werd verpleegd. Hij werd op 3-10-1940 opgesloten in het Huis van Bewaring in Rotterdam met als vastgelegde reden: ‘communistisch terrorist??’ Op 7-10-1940 overgebracht naar Den Haag voor verder transport naar Hamburg.

Waanders, Antonius Christiaan Marie (Dick), Amsterdam 25-9-1906, Kok op grote vaart
Woonachtig: Kerkstraat 25, Baarn
Opmerkingen: Onder deze naam gaf iemand leiding aan het verzamelen van inlichtingen die naar Moskou gezonden konden worden. Hij was commandant van de Gooise afdeling van de Raad van Verzet. Hij maakte op 15 september 1943 deel uit van een team dat Co Dankaart uit het Haagse ziekenhuis Zuidwal bevrijdde. De echte Waanders kwam in 1942 om het leven toen zijn schip op de Atlantische Oceaan getorpedeerd werd. Iemand heeft zich als Waanders voorgedaan en zo een persoonsbewijs op diens naam verworven.

August Wagner na de oorlog

Wagner, August Ulrich, Emden 10-3-1903, tekenaar
Woonachtig: Kleine Brückstraße 46 Emden
Gearresteerd 7-12-1937
Gevangenschap: Sonnenburg, Emden, Vechta, Berlin-Moabit, Hameln, Zwickau, Waldheim, Mauthausen
Opmerkingen: Hij was lid van de KPD en had zitting in de Provinziallandtag der Provinz Hannover. Hij werd in 1933 gearresteerd en in het kamp Sonnenburg opgesloten. In 1934 werd hij vrijgelaten. Hij had de leiding over het KPD-verzet in Emden en stond in contact met Nederlandse communisten in Delfzijl en communisten in Scandinavië. Na hernieuwde arrestatie in 1937 werd hij in Berlijn tot vier jaar tuchthuis veroordeeld. Na uitzitten van straf werd hij in het concentratiekamp Sachsenhausen opgesloten. Hij keerde na de oorlog murw geslagen terug; hij pleegde op 16-9-1963 zelfmoord.

Wenzel, Johann (Hermann), Niedau (Pommeren, Duitsland, nu Polen) 9-3-1902 (Duitser)
Gearresteerd: 30-6-1942 in Brussel, kon op 17-11-1942 ontsnappen
Gevangenschap in: St. Gilles gevangenis in Brussel
Opmerkingen: Hij had de Duitse nationaliteit. Zijn schuilnaam was Hermann. Hij was een van de ‘pianisten’ van ‘die Rote Kapelle’. Alhoewel hij zich in 1936 in Brussel vestigde, verbleef hij regelmatig periodes in Amsterdam, waar hij Nederlanders voor het bedienen van zenders opleidde. Hij seinde in juli 1940 het bericht naar Moskou dat bij Pander in Den Haag duizenden onderstellen op ski’s voor Juncker-52 transportvliegtuigen zouden worden geproduceerd voor een winteroorlog in de Sovjet Unie. Andere gegevens die door de hem en de onder zijn leiding staande vijf marconisten naar Moskou werden geseind gingen over het moreel van de Duitse troepen, de legering van Luftwaffe-eenheden, verplaatsingen van legereenheden en Duitse productiegegevens. Voor dat laatste was de informatie afkomstig van Duitse communisten,, die onder anderen door Hans Tiemeijer over de grens werden geholpen, van essentieel belang. Bij de inval die tot zijn arrestatie leidde, kon hij in eerste instantie nog naar het dak vluchten en op zijn belagers schieten. Hij werd uiteindelijk in de kelder van een naburig gebouw gevonden. Na zijn arrestatie werd hij gemarteld en gaf hij zijn seincode prijs en zegde medewerking aan een zend-Spiel met Moskou toe, maar kon door het weglaten van de veiligheidscode en een alarmsignaal mee te zenden Moskou waarschuwen. Toen zijn bewaker in januari 1943 de kachel opporde en hem de rug toekeerde kon hij deze doden en vluchten. Daarna nam hij deel aan het communistisch verzet in België.

Winterink (Derwin), Antonie (Antonie, Tino), Arnhem 5-11-1914, Reiziger
Woonachtig: Boterdiepstraat 11 II Amsterdam
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Boekhouder. Communist. Secretaris afdeling Amsterdam en lid landelijk bestuur Liga tegen Koloniale Onderdrukking en Imperialisme (1928). M.A.S. V.V.S.U.
Hij was gehuwd met Hendrika Geertruida Winterink-De Raat
Gearresteerd: 18-8-1942
Gevangenschap in: Weteringschans, Saint-Gilles gevangenis Brussel, Fort Breendonk, Rheinbach, Keulen, Brussel
Overleden: Brussel 6-7-1944 gefusilleerd
Opmerkingen: Hij kwam in 1935 naar Amsterdam, waar hij de verzorging van illegale politieke vluchtelingen voor zijn rekening nam. Zijn schuilnaam was Tino. Hij werd door Johann Wenzel opgeleid tot marconist. Hij was een van de twee leiders van de Nederlandse afdeling van het ‘Rode orkest‘, dat naar Moskou seinde. Door gebruik te maken van informatie afkomstig van Nederlandse arbeiders die in Duitsland te werk gesteld waren en zo nu en dan met verlof terug kwamen, kon hij belangwekkende informatie over Duitsland naar Moskou zenden. Hij kon door de Sicherheitsdienst gearresteerd worden doordat de gearresteerde koerier Maurice Peper tussen hem en de leiding in Brussel hem via een tref in Amsterdam in de val liet lopen. (De beschrijving in Wikipedia is grotendeels onzin.)

Portret van Riek de Raat in 1943 geschilderd door haar vriendin Anneke van de Feer

Winterink-de Raat, Hendrika Geertruida (Riek), Amsterdam 6-12-1918, Kunstschilderes
Woonachtig: Boterdiepstraat 11 II Amsterdam
Zij was gehuwd met Antonie Winterink
Opmerkingen: Zij assisteerde haar echtgenoot Antonie Winterink bij zijn verzetsactiviteiten. Toen hij gearresteerd werd, kon zij ontkomen.

Wit, Wouter de, Sliedrecht 10-5-1902
Opmerkingen: Hij was vrijwilliger in de Internationale Brigade tijdens de Spaanse burgeroorlog. Hij volgde ten behoeve van de groep Wollweber in Spanje een sabotageopleiding.

Zandstra, Henderikus Johannes, Delfzijl 28-3-1904, Machinist
Verwantschap: Hij was een neef van Bonno Kornelis Tjapke Smit.
Gearresteerd: 7-10-1941, vrijgelaten 13-4-1944
Gevangenschap: Hamm, tuchthuis Munster
Bijzonderheden: Hij werd in 1942 in Hamm vanwege zijn vooroorlogse activiteiten tot een gevangenisstraf veroordeeld.
Opmerkingen: Hij smokkelde voor de oorlog voor het Duits communistisch verzet in Nederland gedrukte anti-Hitler pamfletten met het schip Greta van Delfzijl naar Emden. Na zijn arrestatie werd hij meteen naar Duitsland afgevoerd en drie dagen lang in een kast opgesloten zodat hij niet kon zitten of liggen.

Zwart, Willem (Wim), Amsterdam 15-10-1910, Los werkman
Woonachtig: Ruysdaelstraat 48 III, Amsterdam
Verwantschap: Hij was gehuwd met de zuster Saapke van Daniël Goolooze
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Communist. Kassier drukkerij Atalanta (De Tribune) (1933).
Gearresteerd
Gevangenschap in: Fuhlsbüttel, Sachsenhausen

Zweden, Daniël van, Winschoten, 30-3-1907, Banketbakker, kok bij hotel Krasnapolsky
Woonachtig: Holendrechtstraat 23 I Amsterdam
Lijst van de Centrale Inlichtingendienst: Comité tot herdenking van Henri Barbusse.
Verwantschap: Hij was gehuwd met Johanna van Zweden-Plenckers

Zweden-Plenckers, Johanna van (Jopie), Amsterdam 16-2-1908
Woonachtig: Holendrechtstraat 23 I Amsterdam
Verwantschap: Zij was gehuwd met Daniël van Zweden